Shop like a local – De toekomstige Europese geoblocking verordening

geoblocking

Één van de topprioriteiten voor de Europese Commissie op dit moment is het creëren van een digitale eengemaakte markt. Hiervoor werd door de Europese Commissie een lijst opgemaakt van zestien punten die gerealiseerd moeten worden, en dit tegen eind 2016. Het onder handen nemen van de ongerechtvaardigde geoblocking is er één van.

Wat is geoblocking

Een Italiaanse familie koopt online tickets voor een Frans pretpark, maar dient hiervoor meer te betalen dan eenzelfde familie die in Frankrijk woont. En de enkele reden hiervoor is dat de Italiaanse familie haar aankoop wenst te doen vanuit een ander land dan Frankrijk. Als het aan de Europese commissie ligt is dergelijke ongerechtvaardigde geoblocking binnenkort verleden tijd.

Toekomstige verordening

In het kader van haar Digital Single Market pakket heeft de Europese Commissie op 25 mei 2016 een pakket wetgevingsvoorstellen bekendgemaakt waarmee zij de ongerechtvaardigde geoblocking wenst aan te pakken. Hiermee wenst ze een volledige bestrijding tegen discriminatie op grond van nationaliteit, verblijfplaats of vestiging te handhaven. Tot op heden werd echter in het Europees Parlement nog geen akkoord bereikt omtrent “The best way forward”.

De Commissie definieert ongerechtvaardigde geoblocking als het door online handelaren om commerciële redenen beperken van de toegang tot haar website voor consumenten uit andere lidstaten. Dit kan door bijvoorbeeld:

  • Geen toegang tot de website verschaffen aan bepaalde consumenten;
  • Het omleiden van consumenten naar een lokale versie van de website zonder voorafgaande toestemming van de consument;
  • Het hanteren van prijsverschillen op basis van afkomst van de consument.

Momenteel is de regelgeving met betrekking tot geoblocking opgenomen in de Dienstenrichtlijn (2006/123). Ondanks artikel 20(2) van deze richtlijn ontvangen nationale consumentenautoriteiten nog enorm veel klachten van consumenten die te maken krijgen met discriminatie op grond van nationaliteit of verblijfplaats bij hun online aankopen. Dat de dienstenrichtlijn niet in staat is om tegemoet te komen aan de klachten van de consument blijkt duidelijk uit het zeer beperkt aantal gevallen waarin opgetreden wordt na een overtreding. Men heeft getracht hier een mouw aan te passen door in 2012 richtsnoeren te publiceren bij voormeld artikel 20(2), maar zonder groot succes. De Commissie is van mening dat het artikel teveel ruimte laat om een gerechtvaardigd onderscheid te maken tussen de consumenten. Zo voorziet overweging 95 van de dienstenrichtlijn dat ook commerciële redenen een objectieve verantwoording voor een verschillende behandeling kunnen uitmaken.

De Commissie is aldus van mening dat artikel 20 dienstenrichtlijn niet in staat is om zelf de problemen met betrekking tot geoblocking op te lossen en besliste aldus een nieuw wetsvoorstel voor te leggen. De commissie kiest dit keer doelbewust voor een rechtstreeks toepasselijke verordening in plaats van een nieuwe richtlijn. Op deze manier wordt aan de lidstaten geen ruimte gelaten om zelf keuzes te maken met betrekking tot de implementatie. Een onderling verschil in regelgeving zal hier aldus niet het geval zijn.

Discriminatie tussen burgers vermijden

Met het in werking treden van de verordening wenst de Commissie te voorkomen dat handelaren EU-burgers discrimineren bij hun (online) aankopen op grond van nationaliteit, verblijfplaats of plaats van vestiging in grensoverschrijdende transacties. De rode draad doorheen heel de verordening is het verzekeren aan consumenten dat deze een overeenkomst kunnen sluiten met een handelaar in een andere EU-lidstaat en dit onder dezelfde voorwaarden als een lokale klant, waarbij verschillende behandeling op basis van objectieve gronden toegelaten wordt. Deze objectieve rechtvaardiging kan er bijvoorbeeld in bestaan dat een Duitse handelaar weigert om aan Spaanse bezoekers een bepaald boek te verkopen, wanneer de inhoud van het boek onrechtmatig zou zijn volgens Spaanse nationale regelgeving.

Opmerkelijk in het voorstel van de Commissie is het absolute verbod op contractuele restricties met betrekking tot passieve verkoop. Het zal voor leveranciers op basis van de nieuwe verordening niet meer mogelijk zijn om bij de online verkoop contractueel vast te leggen dat hun distributeurs goederen en diensten enkel in bepaalde landen de goederen mogen afzetten. Dergelijke bedingen zullen nietig worden verklaard. De verordening voorziet echter wel in enkele uitzonderingen zoals bijvoorbeeld de toelating op het verbod op passieve verkoop wanneer een leverancier zowel aan groothandelaren als aan eindgebruikers levert. In zo’n geval mag de leverancier het aan de groothandel verbieden om aan eindgebruikers te verkopen. Dit met het doel om de verschillende markten gescheiden te houden.

Praktische vragen

Ondanks de sterke punten die de Commissie bovenhaalt voor het bereiken van een volledig digitaal eengemaakte markt klinken er toch enkele praktische problemen en bezorgdheden aan de kant van de handelaars. Zo zal één van de vragen immers zijn wat met de goederen waar een professionele plaatsing voor nodig is niet alleen de technische kant maar ook voor de veiligheid. Denk maar aan wasmachines, afwasmachines, ovens, kachels en dergelijke meer. Dergelijke plaatsing kan immers niet zomaar gebeuren in een ander land. Kan een onderneming dan wel verplicht worden om over de grenzen heen te verkopen. Hier gaat het immers om een kwalitatieve of zelfs veiligheidsoverweging, veel meer dan het afschermen van de markt.

Dat de Commissie nog hard aan het sleutelen is aan de verordening is duidelijk. Een nieuwe aanpassing werd onlangs op 18 oktober 2016 bekendgemaakt. Rekening houdende met de alsnog hangende vragen en bezorgdheden uit de sector lijkt het ons inziens onwaarschijnlijk dat de vooropgestelde deadline van eind 2016 gehaald zal worden.

Vragen over e-commerce of (online) distributierecht?

Bart Van den Brande en Thäissa Nuyens helpen u graag via info@siriuslegal.be of op 02 721 13 00