Vrije doorgifte van abonneegegevens binnen Europa?

Aanbieders van telefoongidsen en inlichtingendiensten moeten het recht hebben om op een conventionele wijze en aan eerlijke voorwaarden en kopij te bekomen van abonneegegevens zonder onderscheid op basis van de lidstaat van afkomst. Tot die conclusie kwam Advocaat-Generaal Bot in zijn conclusie van 9 november 2016 (C‑536/15, Tele2, Ziggo & Vodafone-Libertel / ACM).

De Universeledienstenrichtlijn 2002/22/EG garandeert een behoorlijke toegang voor de burgers tot een kwalitatieve en betaalbare telefoondienst. Diezelfde Richtlijn garandeert eveneens de registratie van de abonneegegevens in en de terbeschikkingstelling van een telefoongids of inlichtingendienst, op papier of elektronisch.

Om de uitgave van dergelijke telefoongidsen te vergemakkelijken, bevat de betrokken Richtlijn eveneens een garantie voor uitgevers om “de relevante informatie in een overeengekomen formaat beschikbaar te stellen op billijke, objectieve, kostengeoriënteerde en niet-discriminerende voorwaarden”.

In Nederland is echter een geschil gerezen waarbij de Belgische onderneming European Directory Assistance een verzoek had ingediend bij de operatoren Tele2, Ziggo en Vodafone-Libertal om een kopij te bekomen van de basisgegevens (naam, adres, postcode, woonplaats en telefoonnummer) van hun Nederlandse abonnees. Dit verzoek werd geweigerd door de aanbieders.

In de procedure voor het Europees Hof van Justitie stelt de Advocaat-Generaal nu dat de aanbieders van telefoondiensten moeten voldoen aan alle redelijke verzoeken tot informatie, zonder onderscheid naar afkomst. Daarbij stelt de Richtlijn letterlijk een niet-discriminatieverplichting voorop.

Daarnaast komt de toepassing van deze regel neer op een doorgifte van persoonsgegevens, waar in principe steeds de toestemming van de betrokkene voor nodig is. Ook op deze problematiek zou het Hof van Justitie moeten terugkomen, zonder dat het opgenomen was in de prejudiciële vraag. Concreet moest bekeken worden in welke mate de toestemming van de betrokken abonnee noodzakelijk is voor de doorgifte van diens gegevens aan een derde uitgever. Abonnees krijgen in Europa immers de gelegenheid om te beslissen om al dan niet in de telefoongids te worden opgenomen, zoals vervat in artikel 12 lid 2 van de e-Privacyrichtlijn 2002/58/EG.

De Advocaat-Generaal verwees hiervoor naar het eerdere Deutsche Telekom-arrest van 5 mei 2011 (C‑543/09, Deutsche Telekom / Bondsrepubliek Duitsland, GoYellow & Telix) en bevestigde dat een abonnee geen nieuwe toestemming tot publicatie diende te geven bij doorgifte aan derden. Hier worden evenwel duidelijke voorwaarden aan gekoppeld: de abonnee moet effectief een toestemming verleend hebben voor de opneming van diens basisgegevens in telefoongidsen én het gebruik door derden moet beperkt blijven tot het uitgeven van vergelijkbare telefoongidsen.

Zullen de abonneegegevens voor andere doeleinden worden gebruikt, dan moet wél een nieuwe toestemming vanwege de abonnee verkregen worden.

Het is volgens Dhr. Bot de verplichting van de oorspronkelijke aanbieder van de telefoondiensten om ervoor te zorgen dat afdoende toestemming bekomen werd vanwege de abonnees.

Het valt af te wachten of het Hof van Justitie de visie van Advocaat-Generaal Bot zal volgen. We houden u alleszins op de hoogte.