Zoekmachine moet verwijderverzoek honoreren

Het Europees Hof van Justitie oordeelde in 2014 in het Google Spain-arrest dat iedereen het “recht heeft om vergeten te worden” en zodus het recht heeft om bij een zoekmachine zoals Google een verwijderverzoek in te dienen. Recent oordeelde de Nederlandse Hoge Raad verwijzend naar dit arrest, dat zoekmachines zoals Google in principe steeds een verwijderverzoek moeten honoreren, behoudens in geval van uitzonderlijke omstandigheden.

Feiten

Een man werd door de Nederlandse strafrechter veroordeeld tot 6 jaar gevangenisstraf omwille van uitlokking van huurmoord en tekent hiertegen hoger beroep aan. Intussen stelt de man vast dat wie zijn naam in Google ingeeft, in de resultatenlijst onder meer verwijzingen aantreft naar nieuwsberichten en boeken over deze kwestie. Zijn raadsman plaatst een verwijderverzoek bij Google doch dit verzoek wordt afgewezen door Google en de man krijgt ongelijk zowel in eerste aanleg als in hoger beroep. Hierop wordt cassatieberoep aangetekend bij de Hoge Raad, het Nederlandse Hof van Cassatie

Uitspraak Hoge Raad

De Raad oordeelde als volgt:

Deze overwegingen houden in dat de grondrechten van een natuurlijk persoon als bedoeld in artikel 7 en 9 Handvest (het recht op eerbiediging van het privéleven en het recht op bescherming van persoonsgegevens) in de regel zwaarder wegen dan, en dus voorrang hebben op, het economisch belang van de exploitant van de zoekmachine en het gerechtvaardigd belang van de internetgebruikers die mogelijk toegang willen krijgen tot de desbetreffende zoekresultaten. (…)”

Maar uitzonderingen op deze hoofdregel zijn volgens de Raad wel denkbaar:

“(…) Dat kan in bijzondere omstandigheden anders zijn, afhankelijk van de “aard van de betrokken informatie en de gevoeligheid ervan voor het privéleven van de betrokkene en van het belang dat het publiek erbij heeft om over deze informatie te beschikken, wat met name wordt bepaald door de rol die deze persoon in het openbare leven speelt”.”

Bovendien oordeelde de Hoge Raad dat een goede motivering vereist is om het verzoek tot verwijdering niet te honoreren en dat het loutere feit dat de man in kwestie werd veroordeeld in eerste aanleg, nog niet maakt dat de vermelding ervan in de zoekmachine gerechtvaardigd is:

“Omtrent het belang van het publiek om informatie over de veroordeling van eiser te krijgen bij het zoeken op eisers volledige naam, stelt het hof niets vast. Evenmin doet het hof enige vaststelling omtrent hetgeen in dit verband van belang kan zijn, zoals met name of eiser een rol in het openbare leven speelt en zo ja welke. Het enkele feit dat eiser in eerste aanleg is veroordeeld wegens een ernstig misdrijf en dat er sprake is geweest van publiciteit is daartoe onvoldoende.

Evenmin heeft het hof (de aard en omvang van) het belang van eiser nader vastgesteld, waaronder dat diens veroordeling niet onherroepelijk is, laat staan dat het heeft onderzocht waar in dit geval het evenwicht moet worden gezocht tussen het belang van eiser en dat van het publiek.”

De volledige uitspraak van de Hoge Raad van 24 februari 2017 kan worden geconsulteerd via volgende link.

Vragen over het indienen van een verwijderverzoek bij Google of het recht om vergeten te worden?

Contacteer Sirius Legal via info@siriuslegal.be of 02/721 13 00.