Is reclame voor buitenlandse (online) casino’s en pokerwebsites in België verboden?

Reclame voor niet vergunde kansspelen blijft een heet hangijzer in het Europese recht.  Nadat enkele maanden geleden BWin al veroordeeld werd in Portugal tot het onmiddellijk staken van alle reclame en voetbalsponsoring voor zijn gokactiviteiten omdat het niet over een licentie beschikt en dus illegaal opereert, verduidelijkte het Europees Hof van Justitie afgelopen week nog verder wat wel en niet kan voor casino’s en gokwebsites die reclame willen maken voor hun activiteiten.

Het Hof van Justitie boog zich over een geschil tussen twee Sloveense casino’s die in Oostenrijk reclame willen maken voor hun casino en de Oostenrijkse staat, die die reclame wil verbieden omdat de Sloveense kansspelwetgeving volgens de Oostenrijkse overheid niet streng genoeg is en Oostenrijkse consumenten dus in Sloveense casino’s niet dezelfde bescherming gegarandeerd krijgen als in Oostenrijk zelf.  Het Hof gaf de Oostenrijkse Staat gelijk: reclame voor casino’s in landen met een lager beschermingsniveau kan verboden worden.

De strenge kansspelwetgevingen die de voorbije jaren overal in Europa het licht zagen blijven voor juridische beroering zorgen.  Heel wat landen hebben net als België een gesloten licentiesysteem ingevoerd, waardoor (online) casino’s en speelhallen alleen legaal kunnen actief zijn als ze over een door de overheid toegekende licentie beschikken (en als ze voor die licentie betalen).

Europa is echter steeds meer eengemaakte markt en consumenten en bedrijven houden weinig rekening met nationale grenzen.  Dat geldt zeker in de (vooral online) gamblingwereld, waar kansspelaanbieders en casino-eigenaars vaak internationale groepen zijn die in verschillende landen actief zijn of hun cliënteel in verschillende landen proberen te vinden.

Het gevolg is dat het nationale licentiesysteem vaak op praktische grenzen stoot.  Websites zijn internationaal, operatoren zijn in verschillende landen actief en casino’s of websites maken over de grenzen heen reclame voor hun activiteiten, ook in landen waar ze geen licentie hebben.  Het is dan vanzelfsprekend te verwachten dat nationale overheden, die erg veel tijd en energie gespendeerd hebben aan het opzetten van een licentiesysteem willen voorkomen dat vergunde en gecontroleerde bedrijven moeten opereren naast aanbieders zonder licentie.

Bwin mocht begin 2012 in Portugal al ondervinden dat wie geen licentie heeft niet alleen zijn producten of diensten niet meer mag aanbieden, maar dat bovendien in dat geval geen reclame meer mag gemaakt worden voor die illegale goederen of diensten.  Bwin beschikte in Portugal niet over een licentie, maar was wel uitgebreid sponsor van de Portugese eerste klasse onder de naam Bwin.Party en van enkele Portugese eersteklassers, waaronder Sporting Braga.  Op bevel van de rechtbank moest Bwin onmiddellijk alle sponsoring-activiteiten stopzetten.  Reclame maken voor niet vergunde kansspelen is dus wel degelijk verboden en dat is in België niet anders dan in Portugal.

Een andere vraag is echter of een kansspelaanbieder die wel een licentie heeft in een andere lidstaat reclame mag maken voor zijn activiteiten.  In dat geval is er immers weliswaar geen licentie om actief te zijn in het land zelf, maar de principes van het Europees recht zeggen wel dat een goed of dienst die regelmatig in het verkeer is gebracht in één lidstaat ook aangeboden moet kunnen worden in andere lidstaten.  Wie over een Sloveense vergunning beschikt (in het concrete geval van het arrest van het Europees Hof), moet dus ook reclame kunnen maken voor zijn activiteiten in andere lidstaten.

Op dat principe van vrij verkeer bestaan echter enkele beperkingen en uitzonderingen.  Een lidstaat kan beslissen om een bepaalde dienst (in dit geval reclame voor kansspelen in een andere lidstaat) toch te verbieden als het recht van een andere lidstaat niet hetzelfde beschermingsniveau biedt (aan de consument) als het eigen nationale recht.  In dat geval gaat de bescherming van de consument voor op het vrij verkeer van goederen.

Het is precies zo’n bepaling die in het Oostenrijkse recht is opgenomen en die de Oostenrijkse staat toestaat om reclame te verbieden voor casino’s in landen waarvan zij oordeelt dat ze de (Oostenrijkse) consument onvoldoende bescherming bieden.  Het is daarbij evenwel zo dat Oostenrijk niet mag eisen dat de buitenlandse aanbieders aan precies dezelfde regels moeten voldoen als de Oostenrijkse.  Het moet volstaan dat hun wetgeving een “gelijkwaardig niveau van bescherming” voorziet.

Wat betekent dat in België?  In tegenstelling tot de Oostenrijkse wetgeving heeft onze Kansspelwet geen bepaling die voorziet dat reclame voor buitenlandse aanbieders verboden is als hun land van herkomst geen gelijkwaardig niveau van bescherming biedt.  De Belgische Kansspelwet voorziet eenvoudigweg in artikel 4§2 dat het eenieder verboden is reclame te maken voor een kansspel dat niet vergund is onder de Belgische wet.  Reclame voor buitenlandse casino’s is dus in se in België per definitie verboden.

Kan dat?  Wel het Europees Hof van Justitie oordeelde al eerder  in de zaak Sjöberg en Gerdin dat en algeheel reclameverbod voor niet vergunde kansspelen eveneens gerechtvaardigd kan zijn.  Er is geen enkele reden om aan te nemen dat op basis van dit arrest en het Oostenrijkse voorbeeld hierboven anders moet geoordeeld worden dan dat België inderdaad elke reclame voor niet in België vergunde kansspelen kan verbieden.  Tot nader order is dus elke reclame voor buitenlandse websites, casino’s, speelhallen of pokertornooien in se verboden en gelet op de waakzaamheid die de Kansspelcommissie aan de dag legt, vooral in de online wereld, is voorzichtigheid zeker geboden.

We herhalen nog even dat de Belgische wet aanzienlijke boetes voorziet tot ruim 8.000 euro en dat ook uitbaters van affiliate marketing websites de nodige voorzichtigheid aan de dag moeten leggen wanneer zij –onrechtstreekse- reclame maken voor buitenlandse websites.