“Recht om vergeten te worden” enkel binnen de EU?

Een van de interessante nieuwigheden die de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG of GDPR) met zich heeft meegebracht is het “recht om vergeten te worden” of “recht op vergetelheid” van artikel 17, lid 2 GDPR.  Het recht op vergetelheid geeft betrokkenen de mogelijkheid om hun persoonsgegevens niet enkel te laten verwijderen door een verantwoordelijke voor de verwerking maar om ook alle redelijke technische maatregelen te eisen om “iedere koppeling naar of kopie van die persoonsgegevens te wissen”.  Artikel 17, lid 2 GDPR is het neerschrijven van een principe dat zich in de rechtspraak van het Europees Hof van Justitie al een tijdje aan het ontwikkelen was.

Recht om vergeten te worden

Het is een recht ook waar onder meer internetzoekmachines als Google niet bijzonder blij mee zijn.  Hun voornaamste bestaansreden is immers het vindbaar maken van data en het ontlinken of verwijderen schaadt dus hun business model én is bovendien kostelijk en tijdrovend.

Een van de interessante vragen die dit recht op vergetelheid met zich meebrengt is de vraag of zoekmachines als Google berichten wereldwijd moeten verwijderen als een Europese burger daarom verzoekt.  Deze vraag wordt op dit ogenblik behandeld door het Europees Hof van Justitie en haar Advocaat-Generaal maakte op 10 januari 2019 zijn conclusie publiek.

Franse overheid vs. Google

Voor het Europees Hof van Justitie hangt al een tijdje een zaak waarin het Hof zijn antwoord zal moeten geven op een prejudiciële vraag vanuit Frankrijk.  De Franse gegevensbeschermingsautoriteit CNIL beval al in 2015 aan Google om bij een verzoek van een natuurlijk persoon om koppelingen naar internetpagina’s te verwijderen uit de lijst van zoekresultaten die verschijnt na een zoekopdracht op zijn naam, deze verwijdering toe te passen op alle domeinnaam-extensies van haar zoekmachine.

Google heeft steeds geweigerd op deze eis in te gaan en heeft enkel de betrokken koppelingen verwijderd uit de zoekresultaten die verschijnen na een zoekopdracht op de Europese versies van haar zoekmachine.  Wie op een EU versie van Chrome zoekt zal de resultaten met andere woorden niet meer vinden, maar wie op de US versie van Chrome zoekt zal deze wél nog zien opduiken.

Google had wel nog voorgesteld om het via de techniek van „geoblocking” onmogelijk te maken om vanaf een EU gebaseerd IP-adres toegang te krijgen tot de “gewiste” resultaten via een niet-EU versie van Chrome, maar dat volstond niet voor de CNIL, die de wereldwijde verwijdering van de gegevens bleef eisen en een sanctie van 100.000 euro oplegde aan Google in 2016.

Google heeft vervolgens destijds aan de Franse Conseil d’État verzocht dat besluit nietig te verklaren, waarna de Conseil d’État een reeks prejudiciële vragen gesteld heeft aan het Europees Hof van Justitie.

Conclusie Advocaat-Generaal van 10 januari 2019

Het Europees Hof van Justitie heeft inmiddels nog geen uitspraak gedaan, maar op 10 januari werd wel de conclusie van de Advocaat-Generaal in deze zaak publiek gemaakt.

Advocaat-generaal Maciej Szpunar is van mening dat er wel degelijk een onderscheid mag gemaakt worden naargelang van de plaats van waaruit een zoekopdracht wordt uitgevoerd. Zoekopdrachten die worden gedaan buiten het grondgebied van de Europese Unie vallen buiten het EU-recht en komen dus niet voor een verwijdering van koppelingen uit de zoekresultaten in aanmerking, hetgeen een aanzienlijke rem plaatst op de eventuele extraterritoriale werking van de Europese databeschermingswetgeving.   In de ogen van de Advocaat-Generaal is een en ander het logische gevolg van de aard zelf van het internet, dat geen geografische grenzen kent.

Volgens de advocaat-generaal moet het fundamentele recht om vergeten te worden, worden afgewogen tegen het rechtmatige belang van het publiek om toegang te krijgen tot de gezochte informatie. Indien werd toegestaan dat wereldwijd koppelingen worden verwijderd, zouden de Richtlijn 95/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 24 oktober 1995 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens (PB 1995, L 281, blz. 31)., aldus de advocaat-generaal, immers niet in staat zijn om een recht op ontvangst van informatie te definiëren en vast te leggen en nog minder om dat recht af te wegen tegen de andere fundamentele rechten op bescherming van gegevens en op eerbiediging van het privéleven.

Dit geldt des te meer daar dat belang van het publiek om toegang tot informatie te krijgen noodzakelijkerwijs zal variëren naargelang van de geografische plaats, van het ene derde land tot het andere. Ingeval het mogelijk is wereldwijd koppelingen te verwijderen, bestaat het gevaar dat personen in derde landen de toegang tot informatie wordt belet en dat de derde landen, op basis van wederkerigheid, personen in de lidstaten van de Unie de toegang tot informatie beletten.

De Advocaat-Generaal adviseert het Hof dus om te oordelen dat de exploitant van een zoekmachine niet verplicht is om bij een beroep op het recht om vergeten te worden de aan de uitbater van een zoekmachine de verplichting op te leggen om wereldwijd resultaten te verwijderen.

Daarentegen benadrukt de Advocaat-Generaal dat zodra een recht op verwijdering van koppelingen binnen de Unie is vastgesteld, de exploitant van een zoekmachine alle mogelijke maatregelen moet nemen om te zorgen voor een doeltreffende en volledige verwijdering van de koppelingen binnen het grondgebied van de Europese Unie, ook via de techniek van „geoblocking”, vanaf een IP-adres dat wordt geacht zich te bevinden in een van de lidstaten, ongeacht de domeinnaam die wordt ingevoerd door de internetgebruiker die de zoekopdracht uitvoert.

Wachten op de beslissing van het Hof…

De conclusie van de Advocaat-Generaal bindt het Hof van Justitie niet. De Advocaten-Generaal hebben tot taak, in volledige onafhankelijkheid het Hof een juridische oplossing te bieden voor het concrete geschil. De rechters van het Hof oordelen vervolgens onafhankelijk of ze al dan niet het advies van de Advocaat-Generaal zullen volgen.  Het spreekt echter voor zich dat het Hof in de meeste gevallen het -meestal goed onderbouwde- advies van de Advocaat-Generaal volgt.  Het blijft even afwachten of het Hof binnen enkele weken of maanden ook in dit dossier hetzelfde oordeel heeft als haar Advocaat-Generaal, maar de kans is zeer groot dat dat inderdaad het geval zal zijn.  Wij houden u alvast verder op de hoogte.

Vragen over GDPR en databescherming in België, de EU of de rest van de wereld?

Neem gerust vrijblijvend contact op met ons team op info@siriuslegal.be of op +32 2 721 13 00