werknemers gedeeltelijk betalen in (fiscaal aantrekkelijke) auteursrechten: de fiscus verduidelijkt

Het is inmiddels vier jaar geleden dat in België een fiscaal aantrekkelijk regime voor auteursrechten werd ingevoerd.  Sedertdien kan een deel van de vergoeding die betaald wordt voor creatieve scheppingen uitbetaald worden als auteursrechten, waardoor deze onderworpen is aan een erg voordelige roerende voorheffing.

Hoewel de regeling inmiddels vier jaar in werking is, moeten we vaststellen dat enerzijds heel wat (werknemers van) bedrijven die er potentieel hun voordeel mee kunnen doen de regeling niet kennen en dat anderzijds nog steeds een aantal onduidelijkheden blijven bestaan over de precieze draagwijdte van dit fiscale regime.

Een recente circulaire van de Algemene Administratie Fiscaliteit brengt wat bijkomende verduidelijking over de grenzen van het toelaatbare voor de fiscus.

Waarover gaat het precies?

Sinds de wet van 30 juli 2008 zijn inkomsten uit de cessie of concessie van auteursrechten (de definitieve of tijdelijke overdracht van auteursrechten) onderworpen aan een roerende voorheffing van 15% in plaats van aan de gewone schalen van de inkomstenbelasting of aan de vaste aanslagvoet voor toevallige inkomsten. Dit betekent dat de “auteur” die in auteursrecht betaald wordt potentieel een erg interessant belastingvoordeel kan doen.

Auteursrechtelijke creatie?

Het regime van de roerende voorheffing geldt voor alle natuurlijke personen die auteursrechtelijk beschermde creaties creëren en de rechten daarop tijdelijk of definitief overdragen aan een derde (werkgever, opdrachtgever, …) tegen vergoeding.

Het kan dan natuurlijk gaan om kunstenaars, schrijvers, schilders, beeldhouwers, designers, creatieve beroepen of om bijvoorbeeld journalisten en copywriters.

Maar ook in de IT sector liggen uitgebreide mogelijkheden voor developers van software, apps, games, voor creatieven in de reclamesector, voor heel wat zelfstandige consultants in verschillende sectoren, voor architecten en voor iedereen wiens  wiens creatie voor auteursrechtelijke bescherming in aanmerking komt.

Zodra dit het geval is kunnen zelfstandigen of werknemers in deze beroepscategorieën in plaats van uitsluitend loon of zelfstandige vergoeding te ontvangen van hun werkgever, opdrachtgever of klant, zich gedeeltelijk in auteursrechten laten uitbetalen en aldus genieten van de lage roerende voorheffing van 15%

Welke bedragen komen in aanmerking?

De wet voorziet in jaarlijkse plafonds van bedragen die voor de 15% voorheffing in aanmerking komen.

Het totale maximale bedrag van inkomsten die als auteursrecht kunnen ingebracht worden is (voor 2010 geïndexeerd) 51.920 euro.

De wet staat toe dat van deze bruto-inkomsten de beroepskosten worden afgetrokken om het nettobedrag van de auteursrechtelijke inkomsten te bepalen.  Deze forfaitaire kostenaftrek is als volgt vastgelegd:

  • 50% op de eerste inkomstenschijf van 13.840 euro (voor 2010)
  • 25% op de volgende schijf van 13.840 euro
  • Geen forfaitaire aftrek voor bedragen boven 27.680 euro

Op de overblijvende bedragen is 15% roerende voorheffing verschuldigd (die door de uitbetaler van de rechten vanzelfsprekend dient ingehouden te worden).  Alle bedragen boven de drempel worden belast als beroepsinkomsten of als toevallige inkomsten.

Ter illustratie: wie in 2010 30.000 aan auteursrechten verdiende betaalt daarop uiteindelijk 9,81% roerende voorheffing (15% op het bedrag na aftrek van beroepskosten).  De gemiddelde aanslagvoet in de inkomsten belasting is een goede 33% of een verschil van ruw geschat 6.000 euro op de 30.000 euro uit het voorbeeld!

Voorzichtigheid is geboden

De wetgever heeft bij dit alles vanaf het begin duidelijk gemaakt dat het niet de bedoeling is dat vergoedingen die vroeger als beroepsinkomsten uitbetaald werden nu plotseling massaal geherkwalificeerd worden als auteursrechten.  Bedrijven, werknemers of zelfstandigen die gebruik willen maken van de regeling dienen dus goed beslagen op het ijs te komen en vooraf de nodige audits te maken van hun situatie en van de mogelijkheid om het systeem op een correcte manier en conform de wet en de vereisten van de fiscale overheden te implementeren.

Niettemin is het in se perfect mogelijk om de hierboven vermelde categorieën van creatieve werknemers of zelfstandigen een aardig en perfect legaal belastingvoordeel te bezorgen.

De fiscus verduidelijkt: een uitsplitsing tussen loon en auteursrecht is vereist

Zoals in de inleiding bij dit artikel gezegd werd, is de rechtspraak over toepassingen van deze regeling eerder schaars.  Ook naar circulaires en rulings van de administratie is het lang zoeken.

Eén ruling uit 2009 (ruling 900.053, 10 november 2009) maakte al duidelijk dat als een zelfstandige één globale vergoeding ontvangt voor zijn geleverde diensten, de belastingen ervan uit gaan dat hij géén auteursrechtelijke vergoeding ontvangt en dat hij zijn auteursrechten gratis (of niet?) heeft overgedragen.  Het gevolg is dat de ganse vergoeding dan als beroepsinkomsten beschouwd wordt en het belastingvoordeel voor de zelfstandige in kwestie verloren gaat.

Een recente circulaire van 21 mei 2012 (Ci.RH.231/605.842) bevestigt hetzelfde principe voor werknemers.  De administratie herhaalt eerst nog eens zeer duidelijk dat er sprake moet zijn van een auteursrechtelijk beschermbare schepping én van een duidelijke intentie tot tijdelijke of blijvende overdracht daarvan (cessie of concessie).  Daarna verduidelijkt de administratie dat in elk geval in de arbeidsovereenkomst ook een uitsplitsing gebeurd moet zijn tussen loon en auteursrecht, bij gebreke waaraan het voordeel verloren gaat.

Blijvende gevoeligheden

Enkele aandachtspunten zijn nog steeds niet verduidelijkt in circulaires of rulings.  Zo blijft het voorlopig nog steeds een gevoelig punt om het precieze onderdeel van de vergoeding te bepalen dat als auteursrecht kan aangemerkt worden.  Het spreekt immers voor zich dat men de regeling niet kan misbruiken om inkomsten die duidelijk een loon of vergoeding voor diensten uitmaken te herkwalificeren als auteursrecht.

Het bepalen van het juiste evenwicht én van de vraag of bepaalde creatieve activiteiten in aanmerking kunnen komen, blijft specialistenwerk.  Sirius Legal staat, met zijn ruime ervaring in auteursrecht, IT én fiscaal recht, al zeer lang cliënten bij in de fiscale optimalisatie van hun beroepsinkomsten.  Als ook u hier graag meer informatie over wil, kan u steeds contact opnemen met ons IP/IT en Media team.