Bart Van den Brande

Ik ben de oprichter en Managing Partner van Sirius Legal.  In 2010 besloot ik de Brusselse advocatenwereld achter me te laten om op een andere manier aan recht te gaan doen.  Anders, directer, persoonlijker, betaalbaar en met 100% focus op de digitale economie.

Bart Van den Brande_Sirius Legal
Connecteer:

Over Bart

Alles kan altijd beter. Die eenvoudige gedachte drijft me in alles wat ik doe.

Dat geldt voor mijn werk bij Sirius Legal, waar we permanent werken aan nóg meer vakkennis, nóg snellere en meer persoonlijke service, nóg meer begrip van de technische en commerciële noden van onze cliënten. Precies daarom ook investeer ik behoorlijk wat tijd in opleidingen zoals Coding for Lawyers, Smart Cities Law, Bedrijfskunde, AI, Cognitive Science and the Law.

Maar de drang om altijd beter te doen speelt evengoed in mijn privéleven, waar triatlon en marathon een belangrijke plaats innemen.

Altijd sneller, altijd beter, altijd doorzetten, die gedachte bracht me inmiddels aan de finish van verschillende Ironman triatlons en die mindset probeer ik elke dag opnieuw mee te nemen in mijn werk voor cliënten bij Sirius Legal.

Eens kennismaken? Maak hier een vrijblijvende afspraak. 

Bart Blogt

Recente bijdragen van Bart

 Bart Van den Brande

Opgelet: Nieuwe SCC's treden in werking op 27 september

We hebben op deze blog en in een aantal webinars al uitgebreid aandacht besteed aan de nieuwe Standard Contract Clauses of SCC’s van de Europese Commissie. Na het wegvallen van het EU-US Privacy Shield ingevolge het Schrems II arrest van het Europees Hof van Justitie moeten deze SCC’s de juridische basis vormen voor de meeste vormen van data export buiten de EU.  Die nieuwe SCC’s treden op 27 september in werking.  Nieuwe data transfers buiten de EU moeten vanaf dan gebeuren op basis van aangepaste contracten met de nieuwe standaard contractclausules.

 Bart Van den Brande

Dankzij deze strengere wettelijke betalingstermijnen geraak jij straks sneller betaald

Vanaf begin 2022 worden kleine ondernemers nog beter beschermd in hun onderhandelingen met grotere klanten door de invoering van nieuwe regels die veel te lange betalingstermijnen voor facturen onmogelijk maken. 

 Bart Van den Brande

30 september 2021: Deadline om je merken en modellen in het VK niet te verliezen na Brexit

De Brexit is voor veel bedrijven alweer een verre herinnering, maar de gevolgen ervan blijven voor heel wat ondernemers tot op vandaag voelbaar.  Ook voor wie een EU-merk of gedeponeerd model heeft en de bescherming daarvan in het VK wil bewaren is het opletten geblazen.  De deadline om je merk of model in het Verenigd Koninkrijk niet te verliezen verstrijkt op 30 september en wie zijn merk of model wil behouden over het kanaal moet dringend in actie komen…

Populair artikel BTW_e-commerce
24.06.2021 Bart Van den Brande

BTW in e-commerce voor marktplaatsen vanaf 1 juli 2021

De regels voor BTW in e-commerce veranderen vanaf 1 juli 2021.  Daarover kon je al alles lezen in onze checklist “De nieuwe BTW-regels in e-commerce. Dankzij deze wetswijziging worden gelijke concurrentievoorwaarden voor ondernemingen gegarandeerd, zowel binnen als buiten de EU, dus dat is een positief gegeven.

Als webshop eigenaar ben je maar beter op de hoogte van de nieuwe BTW-regels. Er is een grote impact op je fiscalé aangifte én je hebt de verantwoordelijkheid om op jouw webshop de correcte prijzen inclusief BTW te vermelden. Ook voor webbouwers is dit een uitdaging aangezien niet alle webshop platformen complexe en verschillende BTW-voeten per land kunnen hanteren.

Deze week kregen we een concrete vraag van één van de grote logistieke partners in FMCG in de Benelux naar de verantwoordelijkheden van marktplaatsen en platformwebsites onder de nieuwe regels en die leek ons relevant genoeg om ze even in een blog te hernemen.  

 

Kleine verkopen door verkopers buiten de EU

Tot 1 juli 2021 zijn pakjes met een kleine waarde, onder 22 euro, die afkomstig zijn van buiten de EU (denk aan verkopen via bvb AliExpress) gewon vrijgesteld van BTW.  dat is handig voor de consument, maar dat veroorzaakt wel een concurrentienadeel voor Europese verkopers, die wél BTW moeten aanrekenen en dus altijd duurder zijn dan hun niet-Europese concurrenten.

Vanaf 1 juli verandert dit.  Op alle verkopen, ook onder 22 euro en ook door verkopers buiten de EU, is gewoon BTW verschuldigd.  

Er wordt wel een nieuw systeem ingevoerd, dat voorziet dat marktplaatsen of platformwebsites in de EU die derde verkopers van buiten de EU hosten, verantwoordelijk kunnen zijn voor het afhandelen van de BTW voor die niet-Europese verkopen als het gaat om verkopen van minder dan 150 euro per pakketje.  Op die manier is Amerikaanse of Chinese verkoper zelf niet verantwoordelijk voor BTW-verplichtingen in de EU én kan voorkomen worden dat de consument bij levering door de koerier gevraagd wordt om nog even (onverwacht meestal) de BTW bij te passen. 

 

Verantwoordelijkheid platformen en marktplaatsen

Er zijn wat voorwaarden die vervuld moeten zijn voordat je als marktplaats of platformwebsite moet instaan voor de BTW op kleine verkopen door niet-EU verkopers op jouw platform.   We lijsten die hieronder nog even op.

In se staan platformen en marktplaatsen in voor de BTW-afhandeling als zij “de goederenlevering faciliteren”.  Dat begrip is zeer breed te interpreteren.  De bedoeling van de EC is om quasi alle platformen en marktplaatsen wel als BTW-plichtige in te schakelen, behalve in zeer beperkte uitzonderlijke gevallen.  Wie valt buiten de definities: eigenlijk de facto alleen pure PSP’s of pure lead generation / affiliate platformen.

Vraag is in de eerste plaats wat “faciliteren” hier betekent.  Dat wordt verduidelijkt in de “Toelichting op de btw-regels voor e-commerce” die de Europese Commissie afgelopen najaar publiceerde.

Samengevat zijn dit de regels:

  • De vraag of een platform of marktplaats verkopen “faciliteert” moet per transactie bekeken worden.  Het kan best zijn dat er soms sprake is van “faciliteren” en soms niet en dat de marktplaats of het platform dus soms instaat voor de BTW-verplichtingen en soms niet (bvb afhankelijk van de vraag of het pakket boven of onder de 150 euro zit of afhankelijk van de rol van de marktplaats of het platform bij bepaalde verkopen)…
  • Onder “faciliteren” wordt verstaan het in contact brengen van koper en verkoper via een elektronische interface (webplatform). Met andere woorden, de verkoop-aankoop wordt gerealiseerd/gesloten met behulp van de elektronische interface. 
  • Concreet blijkt “faciliteren” uit het feit dat de werkelijke bestelling en de afrekening door of met behulp van de elektronische interface worden uitgevoerd.
  • Daarnaast moet de transactie ook effectief worden afgesloten via de elektronische interface”.  dat staat los van de levering/shipping/logisitiek, die eventueel door de verkoper zelf afgehandeld wordt.
  • Er is géén sprake van “faciliteren” als 3 voorwaarden cumulatief vervuld zijn:
    • Als het platform  noch direct, noch indirect één van de algemene voorwaarden bepaalt waaronder de goederenlevering wordt verricht.  Dit is zeer breed te interpreteren: zodra het platform zelf ook gebruiksvoorwaarden / accountvoorwaarden heeft voor gebruikers, wordt het geacht wel onrechtstreeks één van de algemene voorwaarden te bepalen (zie lijstje hieronder met voorbeelden van situaties waarin het platform geacht wordt (mee) de voorwaarden te bepalen). 
    • Én als het platform noch direct, noch indirect betrokken is bij “het verlenen van goedkeuring om de afnemer te factureren voor de gedane betaling” (Dit is concreet het faciliteren van de betaling via het platform of via een PSP gekoppeld aan het platform)
    • Én als het platform noch direct, noch indirect betrokken is bij de bestelling of de levering van de goederen.  Ook dit moet ruim geïnterpreteerd worden, zie lijstje met voorbeelden hieronder.

 

Concrete voorbeelden

Het platform bepaalt mee de voorwaarden in bijvoorbeeld deze gevallen, volgens de “Toelichting op de btw-regels voor e-commerce” :

  • als de elektronische interface is eigenaar van of beheert het technische platform voor de levering van goederen;  
  • als de elektronische interface bepaalt regels voor het aanbieden en verkopen van goederen via zijn platform;  
  • als de elektronische interface is eigenaar van klantgegevens in verband met de levering;  
  • als de elektronische interface voorziet in een technische oplossing voor het opnemen van bestellingen of het in gang zetten van het aankoopproces (bv. door de goederen in een winkelwagen te plaatsen);  
  • als de elektronische interface organiseert/beheert de communicatie van het aanbod, de aanvaarding van de bestelling of de betaling voor de goederen;  
  • als de elektronische interface bepaalt voorwaarden waaronder de leverancier of afnemer verantwoordelijk is voor de betaling van de kosten in verband met het terugzenden van goederen;  
  • als de elektronische interface legt een of meer specifieke betaalmethoden, opslag- of fulfilmentvoorwaarden of methoden voor verzending of levering op aan de onderliggende leverancier die moeten worden gebruikt om de handeling te volbrengen;  
  • als de elektronische interface heeft het recht de betaling van de afnemer te verwerken of in te houden van de onderliggende leverancier of om anderszins de toegang tot tegoeden te beperken;  
  • als de elektronische interface kan de verkoop zonder toestemming of goedkeuring van de onderliggende leverancier crediteren indien de goederen niet naar behoren werden ontvangen;  
  • als de elektronische interface biedt klantenservice, hulp bij het terugzenden of omruilen van goederen, of procedures voor klachtenafhandeling en geschillenbeslechting voor leveranciers en/of hun afnemers;  
  • als de elektronische interface heeft het recht om de prijs vast te stellen waartegen de goederen worden verkocht, bijvoorbeeld door korting aan te bieden via een loyaliteitsprogramma, heeft controle over of oefent invloed uit op de prijsstelling.

Het platform is betrokken bij de bestelling of de levering als:

  • de elektronische interface voorziet in het technische hulpmiddel om de bestelling van de afnemer aan te nemen (meestal de winkelwagen / afrekening);  
  • de elektronische interface verstrekt de afnemer en de onderliggende leverancier de bevestiging en/of de gegevens van de bestelling;  
  • de elektronische interface berekent de onderliggende leverancier een vergoeding of commissie op basis van de waarde van de bestelling;  
  • de elektronische interface geeft goedkeuring om met de levering van de goederen te beginnen / geeft de onderliggende leverancier of een derde opdracht om de goederen te leveren;  
  • de elektronische interface verleent fulfilmentdiensten aan de onderliggende leverancier;  
  • de elektronische interface regelt de levering van de goederen;  
  • de elektronische interface verstrekt de afnemer gegevens met betrekking tot de levering. 

 

Vragen over e-commere of BTW?

Check zeker even onze checklist én onze “BTW-checker” service voor webshops als je meer info wil over de nieuwe BTW-regels in e-commerce.

We maken natuurlijk ook graag persoonlijk tijd voor je.  Bel of mail gerust met Bart Van den Brande op bart@siriuslegal.be of +32 492 249 516 of boek hier meteen een vrijblijvend online kennismakingsgesprek in met Bart via Google Meet of Zoom.

17.06.2021 Bart Van den Brande

De nieuwe SCC's zijn beschikbaar: hoe pas je nu je data-export overeenkomsten aan?

Sinds het Schrems II arrest van afgelopen zomer, waarover we op onze blog al herhaaldelijk berichtten, is het exporteren van persoonsgegevens buiten de EU behoorlijk omslachtig geworden.  Vooral het wegvallen van het “Privacy Shield” tussen de EU en de VS zorgt voor heel wat complicaties en dwingt Europese bedrijven om op grote schaal Data Export Agreements af te sluiten met niet-Europese (meestal Amerikaanse) partners met daarin zogenaamde “Standard Contract Clauses”.  Dat zijn modeldocumenten die ter beschikking gesteld worden door de Europese Commissie om copy/paste in Data Export Agreements gestoken te worden en zo op contractueel niveau veilige export te garanderen.  

Populair artikel
12.05.2021 Bart Van den Brande

Handboek Kunstrecht: Is "nieuwe" kunst beschermd? Over graffiti, performance art en AI in de kunst

Op uitnodiging van uitgeverij intersentia en editor Oliver Lenaerts schreef ons team mee aan het nieuwe “Handboek Kunstrecht”.  Het feit dat we precies het hoofdstuk rond auteursrecht mochten verzorgen, bevestigt alleen maar de 20 jaar lange traditie in die sector die Sirius Legal vertegenwoordigt.

Dit nieuwe “Handboek Kunstrecht” benadert alle juridische vraagstukken die rechtstreeks relevant zijn voor de sector van de beeldende kunsten vanuit een tweedimensionale invalshoek: per doelgroep (kunstenaar, curator, kunstgalerij & kunstdealer,…) en vervolgens vragen per thema (fiscus, auteursrechten, financieringen, vermogensplanning, …). Door het Q&A format is het een praktisch naslagwerk, boordevol concrete adviezen en tips.

De komende weken kiezen we alvast enkele korte vragen en antwoorden uit ons eigen hoofdstuk bij wijze van teaser.  Voor wie het volledige hoofdstuk wil lezen, is het Handboek Kunstrecht vanaf 15 juni te bestellen op de website van Uitgeverij Intersentia.

We begonnen in de vorige bijdrage met de basics van het auteursrecht ter inleidingVandaag duiken we even in “nieuwe” kunstvormen zoals graffiti, performance art en tech art.

 

Zijn conceptuele kunst, installaties of performance art auteursrechtelijk beschermd?

Een idee of een concept wordt an sich niet beschermd onder het auteursrecht, zoals we hierboven al aangegeven hebben. Maar wat met conceptuele kunst, installatiekunst of performance art?

Conceptuele kunst komt in vele vormen, van installatie over performances tot objecten, foto’s en videokunst. De vormelijke uitwerking is voor veel conceptuele kunstenaars ondergeschikt aan het idee of het concept en de aandacht ligt dus veel meer op de totale ervaring van het kunstwerk, waardoor het concept in zekere mate het kunstwerk zelf wordt.

Het meest iconische en historische voorbeeld daarbij is wellicht Fountain van Marcel Duchamp, die inmiddels al meer dan 100 jaar geleden bestaande voorwerpen, zoals bij Fountain een urinoir, tot kunst verhief door ze te signeren en tot kunstwerk uit te roepen.

De vraag of dergelijke kunstwerken auteursrechtelijk beschermd kunnen worden, is een uitdaging voor ons bestaande rechtssysteem. Met name de eerste voorwaarde betekent voor heel wat conceptuele kunstenaars een behoorlijke uitdaging. Hun werk bestaat immers vaak veel meer uit een idee of een concept, dan uit de feitelijke concretisering daarvan in een bepaalde vorm.

Denk daarbij aan een kunstenaar als Christo, die zijn hele carrière bouwde op het idee of het concept van ‘inpakkunst’, of Arne Quinze, die doorbrak met conceptuele houtskeletkunst als Uchronia of Cityscape of nog aan de banaan-met-plakband van Catellan of de participatieve kunst van Felix Gonzalez Torres. In al deze voorbeelden ligt de auteursrechtelijke bescherming voor de betrokken artiesten erg gevoelig. Het concept dat aan de basis ligt van hun werk, het inpakken van gebouwen of het bouwen van houtskeletten, is immers in principe niet beschermd of beschermbaar onder het auteursrecht. Iedereen is vrij om zelf gebouwen in te pakken of houtstructuren op te bouwen, voor zover de concrete vormgeving die daarbij gekozen wordt tenminste origineel is.

Ook de keuze om met bepaalde materialen te werken, is om die reden niet beschermbaar. Er is de voorbije jaren heel wat commotie geweest tussen een aantal kunstenaars, die allen aan de slag waren gegaan met hoogtechnologische materialen om op basis daarvan kunstwerken te ontwikkelen. Een Belgische kunstenaar als Frederik De Wilde, die in samenwerking met NASA op basis van carbon nanotubes een ‘zwarter dan zwart’ materiaal omvormt tot hedendaagse kunstwerken, komt daarbij in concurrentie met namen als Anish Kapoor, die met dezelfde materialen en op basis van dezelfde concepten kunstwerken maakt, waarbij een deel van de waarde van de kunst ontegensprekelijk vervat zit in het concept, het materiaal an sich, maar dat laatste is precies niet beschermd of beschermbaar door het auteursrecht…

Zoals we in de vorige vraag al aangaven, brengt de Europese rechtspraak van de voorbije jaren wel duidelijk meer houvast. De al vernoemde Levola-zaak uit 2018, bevestigt dat de veruiterlijking van een idee, gedacht of creatie in een installatie, een concept of een performance wel degelijk auteursrechtelijk beschermd kunnen zijn, zelfs als ze geen ‘permanente’ vorm hebben, zolang ze maar in zulke nauwkeurige, objectieve en originele uitdrukkingsvorm gegoten kunnen worden. Installaties, concepten, performances moeten in het licht hiervan niet permanent zijn om toch auteursrechtelijk beschermd te kunnen zijn. De herhaalbare opstelling ervan in dezelfde vorm maakt ze ook voor auteursrechtelijke bescherming vatbaar (als ze tenminste voldoen aan de originaliteitsvereiste, vanzelfsprekend).

 

Is graffiti of street art beschermd door het auteursrecht?

Graffiti is zo oud als de mensheid. Onze prehistorische voorgangers krasten al afbeeldingen van oerossen in de wanden van hun grotten. Duizenden jaren later ‘versierden’ de Romeinen hun steden met – vaak obscene – muurschilderingen, die niet zo erg verschilden van de ‘kunst’ die vandaag treintunnels en bruggen versiert.

Graffiti als echte kunstvorm is recenter. Het is pas de voorbije decennia dat graffiti zijn plaats verworven heeft tussen de meer klassieke kunstvormen en dat iemand als Banksy evenveel erkenning krijgt als zijn collega’s die klassiek olie en doek hanteren als medium voor hun kunst.

Dat ook graffiti in aanmerking komt voor auteursrechtelijke bescherming, behoeft weinig betoog. Dezelfde voorwaarden van nieuwheid en originaliteit spelen ook hier, net zoals bij elke andere kunstuiting. Een werk dat nieuw is én een minimum aan creativiteit vertoont is – los van de artistieke waarde ervan – auteursrechtelijk beschermd.

Bij zogenaamde ‘tags’ of ‘throw ups’ zijn die voorwaarden niet altijd vervuld. Dit zijn namelijk korte teksten die meestal verwijzen naar de naam van de kunstenaar. Het kan zijn dat die tags en throw ups aan de voorwaarde van originaliteit voldoen, maar dan moeten ze natuurlijk voldoende gestileerd zijn, zodat er toch sprake is van enige originaliteit.

Veel graffiti is illegaal aangebracht en de vraag rijst wel eens of zulke illegale kunst dan wel beschermd is onder het auteursrecht. In se is het immers verboden om ongevraagd een kunstwerk te maken op een openbaar gebouw of langs de openbare weg. Het illegale karakter van het kunstwerk belet nochtans niet dat het auteursrechtelijke bescherming geniet. De enige vereiste is immers het voldoen aan de twee grondvoorwaarden. Als aan de voorwaarden voldaan is, is élk werk auteursrechtelijk beschermd (met uitzondering van overheidsakten en redevoeringen van ‘vertegenwoordigende lichamen’). Ook illegaal aangebrachte werken moeten met andere woorden auteursrechtelijke bescherming genieten. Het is daarentegen wél denkbaar dat de effectieve uitoefening van die auteursrechten in rechte bemoeilijkt wordt door een van de basisprincipes uit ons recht, met name het nemo auditur-beginsel. Dit laatste houdt in dat niemand in rechte kan worden gehoord, als hij of zij zich beroept op een ongeoorloofde of illegale rechtshandeling. Dit zou met andere woorden kunnen betekenen dat een rechter besluit om geen gehoor te geven aan de eis van een auteur tot bescherming van diens auteursrecht indien het kunstwerk waarvoor bescherming wordt ingeroepen in strijd met de wet tot stand kwam. Belangrijk daarbij is dat dit nemo auditur-beginsel enkel zal spelen als de tegenpartij het inroept, de rechter zal het dus niet automatisch moeten toepassen.

De graffitikunstenaar geniet met andere woorden dezelfde bescherming en dezelfde rechten als elke andere kunstenaar. Hij of zij kan zich verzetten tegen elk gebruik van zijn werk zonder zijn of haar voorafgaande toestemming (inclusief, in theorie, de verwijdering ervan…), tegen elke reproductie en net als elke andere auteur heeft hij of zij morele rechten op vaderschap, respect voor het werk, naamsvermelding, openbaarmaking, …

Erg veel rechtspraak over auteursrecht en graffiti is er overigens niet beschikbaar. In de Verenigde Staten is een handvol zaken bekend waarin graffiti kunstenaars aanspraak maken op inbreuk op hun auteursrechten. Er is bijvoorbeeld de zaak van David Anasagasti . Zijn werk ‘drowsy eyeballs’ werd nogal prominent gebruikt in een reclamecampagne van modemerk American Eagle Outfitters en er is de zaak van een aantal graffitikunstenaars tegen filmregisseur Terry Giliam en de producenten van de film The Zero Theorem vanwege het namaken zonder voorafgaande toestemming van een van hun graffiti’s in Buenos Aires. Artist Maya Hayuk voerde twee rechtszaken tegen Sony Music en tegen modemerk Roberto Cavalli, telkens omdat haar murals als achtergrond gebruikt werden voor reclamecampagnes.

Bij onze noorderburen is één voorbeeld bekend over de auteursrechtelijke bescherming van graffiti. Graffitikunstenaar Tellegen had een muurschildering gemaakt in de Amsterdam Arena en die muurschildering was overgenomen in een voetbalspel voor PC waarin de Amsterdam Arena een van de stadions was waarin gespeeld kon worden. Tellegen verloor in dit geval de procedure, niet omdat zijn graffiti niet beschermd zou zijn, maar wel omdat artikel 18 van de Nederlandse Auteurswet in een zogenaamde panoramaexceptie voorziet die het gebruik van kunstwerken in foto’s en afbeeldingen toelaat die zijn gemaakt om permanent in openbare plaatsen te worden geplaatst, mits de verveelvoudiging of openbaarmaking betreft van het werk “zoals het zich aldaar bevindt”. Ook België kent overigens een panoramauitzondering, maar zoals we verderop in deze bijdrage zullen zien is de draagwijdte en betekenis ervan anders dan in Nederland.

 

Is artificiële intelligentie het begin van het einde voor het auteursrecht?

De vraag naar creatieve keuzes gemaakt ‘door de auteur’, doet in deze tijden overigens een nieuwe vraag rijzen. Kunstenaars gebruiken al decennialang technologie om kunstwerken te maken, maar vandaag zijn we aanbeland in een wereld waarin software zelf en autonoom op basis van artificiële intelligentie content kan creëren.

Google bijvoorbeeld heeft AI-software die zelf nieuwsartikels kan genereren. Onderzoekers slaagden er al in 2016 in om, in opdracht van enkele Nederlandse musea, een geheel nieuw portret (‘The next Rembrandt’) te schilderen op basis van de analyse van duizenden tekeningen en schilderijen van Rembrandt Van Rijn. Traditioneel stond het auteursrechten op (mede) door de computer gegenereerde werken niet ter discussie, omdat het programma slechts een hulpmiddel was dat het creatieve proces ondersteunde, net als een pen en papier.

Maar met de komst van AI is het computerprogramma niet langer een hulpmiddel. AI neemt eigenlijk het creatieve proces volledig over van de traditionele auteur.Daarmee kondigt zich een nieuw tijdperk aan, waarin ‘kunst’ niet langer het prerogatief van de mens is en waarin we zullen moeten beslissen welk type van bescherming we willen geven aan werken die gemaakt zijn door intelligente algoritmen zonder menselijke tussenkomst. De vraag naar een creatieve vonk in hoofde van de auteur om bescherming te kunnen claimen, verliest immers zijn betekenis in een context waarin elke creatieve keuze eigenlijk een berekening is, die door een algoritme gemaakt wordt op basis van big data en die onvermijdelijk tot hetzelfde resultaat leidt als de – misschien overschatte – menselijke creativiteit…

 

Vragen over auteursrecht?

We maken graag tijd voor je.  Bel of mail gerust met Bart Van den Brande op bart@siriuslegal.be of +32 492 249 516 of boek hier meteen een vrijblijvend online kennismakingsgesprek in met Bart via Google Meet of Zoom.