Sirius E-commerce

E-commerce dossier

Populair artikel BTW_e-commerce
24.06.2021 Bart Van den Brande

BTW in e-commerce voor marktplaatsen vanaf 1 juli 2021

De regels voor BTW in e-commerce veranderen vanaf 1 juli 2021.  Daarover kon je al alles lezen in onze checklist “De nieuwe BTW-regels in e-commerce. Dankzij deze wetswijziging worden gelijke concurrentievoorwaarden voor ondernemingen gegarandeerd, zowel binnen als buiten de EU, dus dat is een positief gegeven.

Als webshop eigenaar ben je maar beter op de hoogte van de nieuwe BTW-regels. Er is een grote impact op je fiscalé aangifte én je hebt de verantwoordelijkheid om op jouw webshop de correcte prijzen inclusief BTW te vermelden. Ook voor webbouwers is dit een uitdaging aangezien niet alle webshop platformen complexe en verschillende BTW-voeten per land kunnen hanteren.

Deze week kregen we een concrete vraag van één van de grote logistieke partners in FMCG in de Benelux naar de verantwoordelijkheden van marktplaatsen en platformwebsites onder de nieuwe regels en die leek ons relevant genoeg om ze even in een blog te hernemen.  

 

Kleine verkopen door verkopers buiten de EU

Tot 1 juli 2021 zijn pakjes met een kleine waarde, onder 22 euro, die afkomstig zijn van buiten de EU (denk aan verkopen via bvb AliExpress) gewon vrijgesteld van BTW.  dat is handig voor de consument, maar dat veroorzaakt wel een concurrentienadeel voor Europese verkopers, die wél BTW moeten aanrekenen en dus altijd duurder zijn dan hun niet-Europese concurrenten.

Vanaf 1 juli verandert dit.  Op alle verkopen, ook onder 22 euro en ook door verkopers buiten de EU, is gewoon BTW verschuldigd.  

Er wordt wel een nieuw systeem ingevoerd, dat voorziet dat marktplaatsen of platformwebsites in de EU die derde verkopers van buiten de EU hosten, verantwoordelijk kunnen zijn voor het afhandelen van de BTW voor die niet-Europese verkopen als het gaat om verkopen van minder dan 150 euro per pakketje.  Op die manier is Amerikaanse of Chinese verkoper zelf niet verantwoordelijk voor BTW-verplichtingen in de EU én kan voorkomen worden dat de consument bij levering door de koerier gevraagd wordt om nog even (onverwacht meestal) de BTW bij te passen. 

 

Verantwoordelijkheid platformen en marktplaatsen

Er zijn wat voorwaarden die vervuld moeten zijn voordat je als marktplaats of platformwebsite moet instaan voor de BTW op kleine verkopen door niet-EU verkopers op jouw platform.   We lijsten die hieronder nog even op.

In se staan platformen en marktplaatsen in voor de BTW-afhandeling als zij “de goederenlevering faciliteren”.  Dat begrip is zeer breed te interpreteren.  De bedoeling van de EC is om quasi alle platformen en marktplaatsen wel als BTW-plichtige in te schakelen, behalve in zeer beperkte uitzonderlijke gevallen.  Wie valt buiten de definities: eigenlijk de facto alleen pure PSP’s of pure lead generation / affiliate platformen.

Vraag is in de eerste plaats wat “faciliteren” hier betekent.  Dat wordt verduidelijkt in de “Toelichting op de btw-regels voor e-commerce” die de Europese Commissie afgelopen najaar publiceerde.

Samengevat zijn dit de regels:

  • De vraag of een platform of marktplaats verkopen “faciliteert” moet per transactie bekeken worden.  Het kan best zijn dat er soms sprake is van “faciliteren” en soms niet en dat de marktplaats of het platform dus soms instaat voor de BTW-verplichtingen en soms niet (bvb afhankelijk van de vraag of het pakket boven of onder de 150 euro zit of afhankelijk van de rol van de marktplaats of het platform bij bepaalde verkopen)…
  • Onder “faciliteren” wordt verstaan het in contact brengen van koper en verkoper via een elektronische interface (webplatform). Met andere woorden, de verkoop-aankoop wordt gerealiseerd/gesloten met behulp van de elektronische interface. 
  • Concreet blijkt “faciliteren” uit het feit dat de werkelijke bestelling en de afrekening door of met behulp van de elektronische interface worden uitgevoerd.
  • Daarnaast moet de transactie ook effectief worden afgesloten via de elektronische interface”.  dat staat los van de levering/shipping/logisitiek, die eventueel door de verkoper zelf afgehandeld wordt.
  • Er is géén sprake van “faciliteren” als 3 voorwaarden cumulatief vervuld zijn:
    • Als het platform  noch direct, noch indirect één van de algemene voorwaarden bepaalt waaronder de goederenlevering wordt verricht.  Dit is zeer breed te interpreteren: zodra het platform zelf ook gebruiksvoorwaarden / accountvoorwaarden heeft voor gebruikers, wordt het geacht wel onrechtstreeks één van de algemene voorwaarden te bepalen (zie lijstje hieronder met voorbeelden van situaties waarin het platform geacht wordt (mee) de voorwaarden te bepalen). 
    • Én als het platform noch direct, noch indirect betrokken is bij “het verlenen van goedkeuring om de afnemer te factureren voor de gedane betaling” (Dit is concreet het faciliteren van de betaling via het platform of via een PSP gekoppeld aan het platform)
    • Én als het platform noch direct, noch indirect betrokken is bij de bestelling of de levering van de goederen.  Ook dit moet ruim geïnterpreteerd worden, zie lijstje met voorbeelden hieronder.

 

Concrete voorbeelden

Het platform bepaalt mee de voorwaarden in bijvoorbeeld deze gevallen, volgens de “Toelichting op de btw-regels voor e-commerce” :

  • als de elektronische interface is eigenaar van of beheert het technische platform voor de levering van goederen;  
  • als de elektronische interface bepaalt regels voor het aanbieden en verkopen van goederen via zijn platform;  
  • als de elektronische interface is eigenaar van klantgegevens in verband met de levering;  
  • als de elektronische interface voorziet in een technische oplossing voor het opnemen van bestellingen of het in gang zetten van het aankoopproces (bv. door de goederen in een winkelwagen te plaatsen);  
  • als de elektronische interface organiseert/beheert de communicatie van het aanbod, de aanvaarding van de bestelling of de betaling voor de goederen;  
  • als de elektronische interface bepaalt voorwaarden waaronder de leverancier of afnemer verantwoordelijk is voor de betaling van de kosten in verband met het terugzenden van goederen;  
  • als de elektronische interface legt een of meer specifieke betaalmethoden, opslag- of fulfilmentvoorwaarden of methoden voor verzending of levering op aan de onderliggende leverancier die moeten worden gebruikt om de handeling te volbrengen;  
  • als de elektronische interface heeft het recht de betaling van de afnemer te verwerken of in te houden van de onderliggende leverancier of om anderszins de toegang tot tegoeden te beperken;  
  • als de elektronische interface kan de verkoop zonder toestemming of goedkeuring van de onderliggende leverancier crediteren indien de goederen niet naar behoren werden ontvangen;  
  • als de elektronische interface biedt klantenservice, hulp bij het terugzenden of omruilen van goederen, of procedures voor klachtenafhandeling en geschillenbeslechting voor leveranciers en/of hun afnemers;  
  • als de elektronische interface heeft het recht om de prijs vast te stellen waartegen de goederen worden verkocht, bijvoorbeeld door korting aan te bieden via een loyaliteitsprogramma, heeft controle over of oefent invloed uit op de prijsstelling.

Het platform is betrokken bij de bestelling of de levering als:

  • de elektronische interface voorziet in het technische hulpmiddel om de bestelling van de afnemer aan te nemen (meestal de winkelwagen / afrekening);  
  • de elektronische interface verstrekt de afnemer en de onderliggende leverancier de bevestiging en/of de gegevens van de bestelling;  
  • de elektronische interface berekent de onderliggende leverancier een vergoeding of commissie op basis van de waarde van de bestelling;  
  • de elektronische interface geeft goedkeuring om met de levering van de goederen te beginnen / geeft de onderliggende leverancier of een derde opdracht om de goederen te leveren;  
  • de elektronische interface verleent fulfilmentdiensten aan de onderliggende leverancier;  
  • de elektronische interface regelt de levering van de goederen;  
  • de elektronische interface verstrekt de afnemer gegevens met betrekking tot de levering. 

 

Vragen over e-commere of BTW?

Check zeker even onze checklist én onze “BTW-checker” service voor webshops als je meer info wil over de nieuwe BTW-regels in e-commerce.

We maken natuurlijk ook graag persoonlijk tijd voor je.  Bel of mail gerust met Bart Van den Brande op bart@siriuslegal.be of +32 492 249 516 of boek hier meteen een vrijblijvend online kennismakingsgesprek in met Bart via Google Meet of Zoom.

Populair artikel website_content_auteursrecht
15.02.2021 Matthias Vandamme

Hoe je website van content voorzien zonder inbreuken op het auteursrecht?

Ook afbeeldingen en andere content die publiek op het internet staan worden beschermd door het auteursrecht. Maar al te vaak worden we gecontacteerd door mensen die een gepeperde factuur hebben ontvangen van een (al dan niet terecht) boze fotograaf omdat ze zijn foto zonder toestemming hebben overgenomen op hun website. Die fotograaf werkt hard voor het maken van een mooie foto en doet hiervoor vaak aanzienlijke investeringen. Hij wil zich dan ook verzetten tegen ieder onrechtmatig gebruik. Toch heeft de fotograaf niet altijd gelijk. De foto’s zijn namelijk soms niet auteursrechtelijk beschermd en onder bepaalde voorwaarden kan je kosteloos foto’s overnemen op je website zonder daar toestemming voor te moeten vragen. Daar zijn echter wel een aantal voorwaarden aan verbonden… We zetten hier de regels even voor je op een rijtje.

 

Vraag in principe toestemming

Om te genieten van een auteursrecht moet een werk aan geen enkele formaliteit voldoen. Het moet ook niet in een bepaalde vorm zijn of zelfs “mooi” zijn. Er zijn drie voorwaarden vooraleer een werk auteursrechtelijk beschermd is:

  • Het moet gaan om een creatieve activiteit. Dit mag heel ruim geïnterpreteerd worden. Elke schepping van de menselijke geest kan worden beschermd. Of dat nu een vlog is, een lied, een blog of een foto, dat maakt niet uit. Een foto gemaakt door een dier wordt echter niet beschermd. Dit bleek uit een discussie over deze selfie van een kuifmakaak. Een edelsteen die je in de natuur vindt zal ook niet beschermd worden. Een foto of tekening van diezelfde edelsteen kan misschien wel beschermd worden als het aan de volgende twee voorwaarden voldoet.
  • Ideeën, concepten en methodes worden niet beschermd door het auteursrecht. Het werk moet in een concrete vorm uitgedrukt worden. Dat hoeft niet noodzakelijk in een tastbaar formaat te zijn zoals een boek of een schilderij. Het kan ook gaan om een blog die enkel op het internet bestaat of zelfs een geïmproviseerd straatconcert dat voorbij is wanneer de laatste noot gespeeld werd.
  • Het werk moet ten laatste origineel zijn. Soms wordt de term ‘oorspronkelijkheid’ ook wel gebruikt om hetzelfde uit te drukken. Er is al veel gezegd en geschreven over dit onderwerp, maar het komt er uiteindelijk op neer dat je de inbreng van de kunstenaar moet kunnen zien in het werk. Had een ander bijvoorbeeld de foto getrokken, dan had die er niet hetzelfde uitgezien. De inbreng van de auteur kan blijken uit de keuze van lichtinval, de grootte van het werk, de kleuren die gebruikt worden, de instellingen op het fototoestel, …

Als we over foto’s op het internet praten, dan is er vaak discussie over dit laatste punt. Uit de praktijk blijkt wel dat rechtbanken redelijk snel aanvaarden dat een werk origineel is. Zo kan een foto van een natuurlandschap of zelfs een edelsteen ook beschermd worden door het auteursrecht. In dat geval mag je de foto niet zomaar gaan knippen en plakken op je website.

Het principe bij auteursrechtelijke beschermde werken is dat je altijd de toestemming nodig hebt van de auteur vooraleer je het werk mag gaan kopiëren. Soms voorziet de auteur wel in zijn algemene voorwaarden dat je het werk onder bepaalde condities mag gebruiken. Bijvoorbeeld enkel in een niet-commerciële context. Op dit principe bestaan uitzonderingen die hieronder verder behandeld worden.

 

Delen is niet vermenigvuldigen

Maar er zijn uitzonderingen: hyperlinken, embedden en soortgelijke praktijken. Als je hier correct gebruik van maakt dan kan je beschermde content van anderen op je website plaatsen zonder toestemming of vergoeding. Deze uitzondering is al vaak bevestigd door de rechtbanken.

De hyperlink is iedereen welbekend. Je deelt eigenlijk gewoon de vindplaats van een stukje content op het internet met een link. Daarop kunnen je website bezoekers  klikken en worden zo getransporteerd naar de website waarnaar verwezen wordt. Zo hebben wij bijvoorbeeld hierboven ook via een hyperlink verwezen naar de selfie van de kuifmakaak. 

Embedden houdt eveneens in dat je verwijst naar een stukje content op een andere website, maar die content is rechtstreeks op jouw website zichtbaar. Veel online platformen faciliteren dit zelfs, denk maar aan YouTube, Instagram en Twitter. Het is echter geen vereiste dat dit gefaciliteerd wordt. Iemand met een minimale hoeveelheid technische knowhow kan quasi elk stukje content embedden op een website, tenzij de website eigenaar dit onmogelijk maakt.  

Zowel bij hyperlinking als embedden blijft de content op de originele server staan. Een gevolg hiervan is dat wanneer de foto verwijderd wordt van de originele server, deze ook verwijderd wordt op alle websites die de foto geëmbed hebben. 

Je kan controleren of een foto geëmbed werd door met je rechtermuisknop te klikken op ‘afbeelding openen in nieuw tabblad’. In de link bovenaan zou je vervolgens de vindplaats op de originele website moeten zien. Als de foto gedownload en geüpload werd, dan is er geen sprake van embedden, maar gewoon van kopiëren. In dat geval geldt de uitzondering dus niet. Hier is het vaak opletten geblazen, want sommige CMS tools kopiëren de content automatisch naar hun eigen server wanneer je die upload op je website. In dat geval is er dus ook sprake van een kopie en kan je geen beroep doen op de uitzondering.

 

 

Embedden en hyperlinking is geen vrijgeleide om ongeremd te doen wat je wil. Er zijn een aantal beperkingen die doorheen de jaren in de rechtspraak werden ontwikkeld:

  • Je mag namelijk geen illegale content delen. Een foto die zonder de toestemming van de rechthebbende op het internet werd geplaatst mag je in principe niet delen. Dus je mag geen video embedden die door middel van piraterij online werd geplaatst. De rechtbanken zijn strenger in deze beoordeling als het overduidelijk is dat de content zonder de toestemming van de rechthebbende online werd geplaatst. Dit zal bij een piraterij website waarschijnlijk het geval zijn. Daarnaast geldt er een vermoeden dat iemand met een winstoogmerk eerder kennis zou hebben van de ontbrekende toestemming, dan een gewone particulier.
  • Je mag niet linken naar content die achter betaalmuren of andere drempels zit. Deze voorwaarde spreekt natuurlijk voor zich. De rechthebbenden nemen namelijk actief stappen om te voorkomen dat de content gedeeld wordt. Het gaat hier bijvoorbeeld over betalende artikels op de website van een tijdschrift of betalende foto’s van beeldbanken zoals Shutterstock, Getty Images, etc.
  • Je mag de content niet bewerken. Deze voorwaarde ligt ook voor de hand, maar durft in de praktijk al eens voor problemen te zorgen. Veel kunstenaars hebben er geen problemen mee dat er gelinkt wordt naar hun werken of dat deze geëmbed worden. Zo verkrijgen ze meer zichtbaarheid op het net. Deze verhoogde zichtbaarheid wordt echter tenietgedaan zodra hun foto bewerkt wordt. Veel kunstenaars nemen daarom ook technische maatregelen om dit te voorkomen. Zo plaatsen ze bijvoorbeeld een watermerk op de foto of plakken ze er een informatieve balk aan met hun gegevens. Als iemand de foto dan wil embedden op zijn website, dan zijn deze gegevens sowieso beschikbaar. Sommige website eigenaars proberen dit te omzeilen door de foto zodanig te bewerken dat deze gegevens wegvallen. In dat geval geldt de uitzondering uiteraard niet.

 

Checklist voor een correct gebruik van content

Je bent je website aan het voorzien van leuke content, waar moet je dan op letten? In de onderstaande checklist zetten we bij elke punt ook even de gevolgen op een rij:

  • Auteursrechtelijk beschermde content: Dit is zelden een uitgemaakte zaak. Voorkomen is beter dan genezen, dus hier ga je best van uit en vraag toestemming aan de rechthebbende. Door expliciet toestemming aan de auteur te vragen, voorkom je trouwens 99% van alle problemen. Ook bij hyperlinken en embedden.
  • Illegale content: Als je een website hebt met een winstoogmerk (héél ruim criterium, daarvoor moet je niet noodzakelijk iets verkopen), dan moet je dit grondig onderzoeken. Als de content illegaal is of je twijfelt, gebruik het dan best niet. Ben je zeker dat de content online is geplaatst met de vereiste toestemming, dan is gebruik mogelijk.
  • Gebruiksvoorwaarden: Bijvoorbeeld condities in de algemene voorwaarden of een Creative Commons licenties. Als er gebruiksvoorwaarden zijn moet je daar rekening mee houden bij het gebruik. Zo kan de auteur bijvoorbeeld verbieden dat je zijn content gebruikt voor commerciële doeleinden.
  • Belemmeringen: Als de rechthebbende bepaalde (technische) obstakels zoals een betaalmuur heeft ingebouwd dan kan je de content dus niet delen. Wanneer er een expliciete HTML code voorzien wordt, zoals bij YouTube, dan wordt het delen gefaciliteerd.
  • Geen bewerkingen. Dit is niet mogelijk bij het embedden van of linken naar content. Moest dit op de één of andere manier toch mogelijk zijn, dan geldt de uitzondering niet en mag je de content niet delen.
  • Delen is niet vermenigvuldigen. Je mag de content niet copy-pasten, niet downloaden en uploaden, geen screenshot nemen en op je website plaatsen, … De content moet blijven staan op de originele plaats en je mag er geen kopie van maken.

Nog vragen over internetrecht, auteursrecht of intellectueel recht in het algemeen? Aarzel niet om ons vrijblijvend te contacteren via bart@siriuslegal.be, matthias@siriuslegal.be of +32 2 721 13 00. 

02.02.2021 Bart Van den Brande

Eerste grote boete voor geoblocking gaat naar gaming platform Steam

De Europese Commissie heeft Valve, eigenaar van het online pc-gamingplatform “Steam”, en vijf verdelers van videogames een boete van € 7,8 miljoen opgelegd wegens het overtreden van de Europese geoblockingregels.  Valve en de betrokken verdelers beperkten de crossborder verkoop van bepaalde videogames op basis van de geografische locatie van consumenten en precies dat is verboden onder de geoblockingverordening.

 

Wat is geoblocking?

In het kader van haar Digital Single Market pakket geldt in de EU sinds 2019 de zogenaamde Geoblockingverordening.  Met die Geoblockingverordening wil de EU korte metten maken met elke discriminatie op basis van woon- of verblijfplaats online.  De praktijk wees immers uit dat heel vaak inwoners van een bepaald land niet konden meegenieten van bepaalde aanbiedingen online omdat zij op basis van hun locatie of IP-adres de toegang tot een bepaalde website ontzegd werden of omdat zij automatisch omgeleid werden naar een andere landversie. 

Het klassieke voorbeeld dat daarbij aangehaald wordt is de passagier die een vliegtuigticket wil boeken op een vlucht van bijvoorbeeld Berlijn naar Brussel.  Wie vanuit Duitsland naar de website van de betreffende airline surft, vindt daar een aanbod aan, opnieuw bijvoorbeeld, 59 euro.  Wie als passagier echter vanuit België datzelfde ticket probeert te boeken, wordt automatisch omgeleid naar een Belgische website, waar hetzelfde ticket aanzienlijk duurder is, of kan gewoon geen toegang krijgen tot de Duitse website.  Precies dat wil de EU voorkomen met de Geoblockingverordening. 

De verordening bevat een reeks regels die zowel het technisch beperken van toegang voor buitenlandse kopers tot een website als het praktisch bemoeilijken of onmogelijk maken van aankopen op een website door buitenlanders aan banden legt.

 

Wat is niet meer toegestaan sinds begin 2019?

  • De toegang tot websites technisch onmogelijk maken vanuit een ander land (pure geoblocking)
  • De toegang tot websites of tot de producten aangeboden op deze website “op enigerlei andere wijze” bemoeilijken of onmogelijk maken (dit is bijvoorbeeld het geval wanneer een koper zijn adresgegevens niet kan invullen in het bestelformulier omdat het formaat van de invulvelden dit niet toelaat, met name bij de postcode blijkt dit geregeld problematisch te zijn omdat deze een gepreformateerd formaat vereist)
  • Het omleiden van websitebezoekers naar een lokale versie van de website zonder voorafgaande toestemming van de betrokkene
  • Het hanteren van prijsverschillen op basis van afkomst van de koper (tenzij hiervoor een objectieve rechtvaardiging bestaat)
  • Het hanteren van andere verkoopsvoorwaarden in functie van de woon- of verblijfplaats van de koper (tenzij hiervoor een objectieve rechtvaardiging bestaat)
  • Verkoopsweigering op basis van woon- of verblijfplaats (wat wel kan is de levering beperken tot bepaalde gebieden, maar de koper die bereid is de beperkte leveringsmogelijkheden te aanvaarden, moet steeds kunnen aankopen)
  • Het discrimineren van kopers op basis van de aangeboden betaalmiddelen (dit is in casu het systematisch weigeren van bvb kredietkaarten die uitgegeven zijn in een ander land)

 

Wat deed Valve verkeerd?

Commissaris Margrethe Vestager, verantwoordelijk voor het mededingingsbeleid, verwoorde een en ander als volgt: Meer dan 50% van alle Europeanen speelt videogames. De videogame-industrie in Europa bloeit en is nu meer dan € 17 miljard waard. De sancties van vandaag tegen de “geoblocking” -praktijken van Valve en vijf uitgevers van pc-videogames herinneren eraan dat volgens de EU-concurrentiewetgeving het bedrijven verboden is om grensoverschrijdende verkoop contractueel te beperken. Dergelijke praktijken ontnemen Europese consumenten de voordelen van de digitale eengemaakte markt van de EU en de mogelijkheid om op zoek te gaan naar het meest geschikte aanbod in de EU ”.

Steam is een van ’s werelds grootste platforms voor online games, waar gebruikers games kunnen streamen of downloaden. Ook games die buiten Steam aangekocht zijn (bvb in  fysieke winkels of via downloads van derde websites) van derden, ook in staat om videogames op Steam te activeren en te spelen.  Valve biedt verdelers van games daarbij een territoriumcontrolefunctie aan, die het mogelijk maakt om bij de activering van games bepaalde geografische beperkingen in te stellen. Precies die beperkingen hebben als gevolg de actieve geoblocking van games op basis van de geografische locatie van de gebruiker.  De reden hiervoor was vooral om het territorium van elk der betrokken verdelers onder elkaar te verdelen.  Als gevolg hiervan konden gebruikers buiten een aangewezen lidstaat bepaalde games niet activeren met Steam-activeringssleutels.

De Commissie oordeelde dat Valve hiermee de facto de markt opsplitst op een wijze die in strijd is met het Europees mededingingsrecht en meer bepaald dat Valve en de betrokken verdelers zich schuldig maakten aan de volgende geoblockingpraktijken:

  • Bilaterale overeenkomsten en / of onderling afgestemde praktijken tussen Valve en elk van de betrokken verdelers geïmplementeerd door middel van geografisch geblokkeerde Steam-activeringssleutels die de activering van bepaalde videogames van deze uitgevers buiten Tsjechië, Polen, Hongarije, Roemenië, Slowakije, Estland, Letland en Litouwen, als reactie op ongevraagde verzoeken van consumenten (de zogenaamde “passieve verkoop”). Deze duurden tussen één en vijf jaar en werden, afhankelijk van de gevallen, geïmplementeerd tussen september 2010 en oktober 2015.
  • Geoblockingpraktijken in de vorm van licentie- en distributieovereenkomsten die bilateraal werden gesloten tussen vier van de vijf betrokken verdelers (Bandai, Focus Home, Koch Media en ZeniMax) en enkele van hun respectieve distributeurs in de EU, die clausules bevatten die de grensoverschrijdende (passieve) verkoop van de betrokken games binnen de EU beperkten. Deze duurden doorgaans langer, dwz tussen drie en elf jaar, en werden tussen maart 2007 en november 2018 geïmplementeerd, afhankelijk van elke bilaterale relatie.

 

Waarop letten om je zelf niet schuldig te maken aan geoblocking?

Niet alleen Internationale verdelers van online games moeten opletten met geoblocking.  De regels zijn van toepassing op elke website en webshop in Europa.

Check daarom op tijd je website minstens op onderstaande punten:

  • Is je website vrij toegankelijk vanuit de ganse EU?
  • Als je een redirect hanteert, heeft de bezoeker dan de keuze om tóch op de gekozen landversie te blijven (en daar ook te bestellen aan de aldaar aangeboden prijs)?
  • Bevatten je verkoopsvoorwaarden geen ongelijke voorwaarden in functie van de woon- of verblijfplaats (prijs, garantie, geschillenregeling, bedenktermijn, …)
  • Ben je zeker dat je payment solutions niet discrimineren in functie van de plaats van uitgifte van betaalkaarten en/of de woon- of verblijfplaats van de koper?
  • Ben je zeker dat je bestelformulieren locatieneutraal zijn opgesteld en met name in de adresvelden de lokale samenstelling van adresgegevens mogelijk laten?

 

Vragen over geoblocking of e-commerce?

Ons team maakt graag tijd.  Boek gerust rechtstreeks een kennismaking in de agenda van Bart of neem contact via mail op bart@siriuslegal.be of per telefoon op  +32 492 249 516

22.01.2021 Bart Van den Brande

E-commerce na de Brexit, kan jij nog volgen?

De definitieve Brexit is nog maar net een feit, maar de online sector begint zelfs na amper twee weken al de impact te voelen, in die mate zelfs dat heel wat Europese online retailers beslist hebben om voorlopig geen pakjes meer te bezorgen naar het VK vanwege de hoge kosten en ingewikkelde belastingregels.  Reden hiervoor zijn de nieuwe fiscale en administratieve verplichtingen voor wie exporteert naar het VK.  We zetten even op een rijtje waar Belgische en Nederlandse webshops rekening mee moeten houden als ze willen verkopen aan Britse klanten vanaf 1 januari 2021.

 

Impact van Brexit op e-commerce 

Het Verenigd Koninkrijk is Europa’s grootste markt voor e-commerce. 93% van de Britten winkelt online en ze geven gemiddeld €900 per persoon, per jaar uit.

Britse consumenten bestellen ook vaak en veel in het buitenland. 52% van de Britse buitenlandse e-commerce bestellingen gebeuren in de VS en China. Europa loopt niet ver achter. Duitsland hapt op zijn eentje overigens 9% van de Britse aankopen in de EU weg.  Groot-Brittannië is de tweede meest populaire e-commerce ‘bestemming’ voor Europa, maar onderzoek voorafgaand aan de Brexit toonde aan dat tot 70% van de Britse shoppers zou kunnen stoppen met crossborder bestellen in de EU na de Brexit.

Dit is het gevolg van veel strengere en complexere invoerregelingen en BTW-regels, met alle daaraan verbonden kosten voor verkopers en consumenten.

 

Brits BTW nummer verplicht bij B2C verkopen

Nu het Verenigd Koninkrijk geen deel meer uitmaakt van de Europese interne markt, gelden er nieuwe BTW-regels, administratieve procedures en douaneformaliteiten. 

Europese webshops die in het VK willen verkopen moeten in de eerste plaats zorgen voor een BTW-registratie in het VK, net zoals Chinese of Amerikaanse invoerders dat ook al sinds jaar en dag moeten doen en dat wordt verstrekt door Her Majesty’s Revenue & Customs (HMRC), de Britse belastingdienst. Zij zullen onderworpen zijn aan het Britse BTW-regime en in het VK hun aangiftes en betalingen moeten verzorgen.  Wie verkoopt naar het VK is in België geen BTW verschuldigd, maar zal dus in het VK wel aangifte moeten doen en BTW moeten betalen. 

Verzend je pakjes met een intrinsieke waarde van méér dan 135 Britse Ponden?  Dan is je klant invoer-BTW verschuldigd.  De postbode zal dan bij levering vragen om betaling van de verschuldigde BTW, wat Britse klanten voor onaangename verrassingen dreigt te stellen.  Als je dat wil voorkomen, dan kan je zelf beroep doen op een douane-expediteur om de invoeraangifte voor jouw rekening te nemen (maar dan moet je natuurlijk rekening houden met de BTW in je prijsvermelding online).  Als je al een Brits BTW-nummer hebt, kan je de invoer-BTW in je Britse BTW-aangifte weer in aftrek brengen. In sommige gevallen kan je ook gebruik maken van de regeling om de verschuldigde invoer-BTW niet te betalen aan de douane, maar aan te geven in de Britse BTW-aangifte, wat qua administratie en cashflow de dingen vereenvoudigt.

Wie diensten levert aan particulieren in het VK (B2C), rekent in principe meestal zijn eigen BTW aan.  Dat verandert niet.  Voor sommige diensten echter, zoals raadgevende of financiële diensten, opgesomd in artikel 21bis, §2, 10° WBTW, geldt echter de plaats van de afnemer, als die gevestigd is buiten de Gemeenschap. Wie in de toekomst dergelijke diensten verricht voor een Britse particulier, moet dus geen Belgische BTW meer aanrekenen.

 

En wat bij B2B?

Wie B2B goederen verkoopt, kan dat nog steeds zonder BTW doen, maar niet meer omdat het om een intracommunautaire handeling gaat (artikel 39bis WBTW), wel omdat het om een vrijgestelde uitvoer gaat.  Om dezelfde reden hoeft het BTW-nummer van de Britse ontvanger niet meer vermeld te worden op jouw factuur om vrijstelling te krijgen.  Nog steeds om dezelfde reden moet je je verkoop niet langer opnemen onder vak 46 van je BTW-aangifte, maar wel onder vak 47.  Voor B2B-diensten verandert er weinig, behalve de wijziging in je BTW-aangifte van van 46 naar vak 47.

 

Hogere verzendkosten en douanerechten

Niet enkel de BTW-veranderingen zijn vervelend voor Europese webshops, ook de extra formaliteiten die de import-exportverrichtingen en de grenscontroles met zich meebrengen zorgen voor frustratie en vooral ook voor hogere verzendkosten van en naar het VK. Koerierbedrijven als DHL, UPS en Federal Express hebben al aangekondigd extra kosten te gaan aanrekenen voor zendingen tussen het Verenigd Koninkrijk en de EU, omwille van de investeringen die ze hebben moeten doen om hun systemen aan te passen aan de Brexit. Het zou in sommige gevallen gaan om 4 à 5 euro extra per bestelling.

Bovendien zijn in de toekomst mogelijks invoerrechten verschuldigd bij verkoop van of naar het VK.  Groot-Brittannië geniet immers niet meer van de open grenzen, die het vrije verkeer van goederen en personen mogelijk maken, met als gevolg veel strengere douanevoorschriften voor pakketten die het VK en de EU binnenkomen en verlaten.  Dit valt mee voor goederen die in de EU gemaakt zijn en naar het VK verkocht worden, maar als het gaat om goederen die buiten de EU gemaakt zijn en naar het VK verkocht worden, zijn wel degelijk invoerrechten verschuldigd als de waarde van de bestelling hoger ligt dan 150 euro.  Ook in dat geval echter moet de verkoper zorgen voor een correcte douaneadministratie op basis van de juiste douaneformulieren.  Je zal met name een EURI-nummer moeten aanvragen, oorsprongsformulieren en factuur moeten toevoegen aan de verzending voor de douanecontrole, etc… 

 

Bedenktermijn en praktische gevolgen

Onder EU-recht heeft de consument recht op 14 dagen bedenktermijn, ook bij aankopen in andere lidstaten.  De Britse wetgeving voorziet echter in een minimum van 30 dagen.  Het is nog onduidelijk of deze retourtermijn na de Brexit ook zal gelden voor webshops die vanuit de EU verzenden naar het VK, maar het heeft er alle waarschijnlijkheid van dat dit inderdaad zo zal zijn.  Europese webshops moeten dus naast alle financiële gevolgen ook rekening houden met een verstoord retourbeleid bij verkopen naar het VK.

 

Evalueer je website

Belangrijk voor Europese webshops is om hier duidelijk rekening mee te houden op hun website.  Belangrijk is om zowel de BTW-verschillen als de administratieve kosten en de extra leverkosten transparant en correct te verwerken in je pricing of op zijn minst transparant en tijdig eventuele bijkomende kosten te vermelden op je website.

Europees consumentenrecht bij online verkoop (zoals dat is opgenomen in België in Boek VI van het Wetboek Economisch Recht) vereist immers dat je de prijs steeds inclusief BTW en alle kosten vermeld aan de consument.  Enkel (leverings-)kosten die vooraf niet ingeschat kunnen worden omdat ze afhankelijk zijn van bijvoorbeeld de omvang van de bestelling mogen op een later ogenblik, in de check-out, toegevoegd worden.

Ook na de Brexit blijft het Europese consumentenrecht van toepassing op Europese webshops en dezelfde transparantieverplichtingen blijven dus bestaan in principe ook naar Britse klanten toe.

 

Niet meer leveren?

De extra kosten en administratieve verplichtingen zouden heel wat webshops ertoe kunnen aanzetten om eenvoudigweg niet meer te verkopen naar het VK.  Op die manier voorkomt een webshop potentiële onaangename (financiële) verrassingen.

Sinds enkele jaren is er binnen de EU weliswaar de zogenaamde geoblockingverordening van kracht.  Op basis van die verordening is het verboden voor Europese webshops om klanten te discrimineren op basis van hun woon- of verblijfplaats.  Die discriminatie kan onder andere volgen uit prijsdifferentiatie, maar ook uit verkoopweigering.  Weigeren om aan Britten te verkopen dreigt op het eerste zicht op die manier en inbreuk te vormen op deze geoblockingregels, maar de vaststelling is dat deze Geoblockingverordening niet meer van toepassing is op Britse klanten na de brexit, waardoor je als Europese webshop perfect kan beslissen om niet meer te verkopen aan het VK.

Vragen over e-commerce?

Ons team maakt graag tijd.  Boek gerust rechtstreeks een kennismaking in de agenda van Bart of neem contact via mail op bart@siriuslegal.be of per telefoon op  +32 492 249 516

08.12.2020 Bart Van den Brande

Duidelijke richtsnoeren voor transparantie in zoekresultaten op platformen: de P2B verordening

De Europese Commissie publiceerde zopas, op 8 december, richtlijnen over transparantie in zoekresultaten bij de Platform-to-Business-verordening (P2B).  

Deze richtsnoeren zijn bedoeld om ervoor te zorgen dat aanbieders van online platformen als Amazon en Bol.com en aanbieders van online zoekmachines voldoen aan de vereisten van artikel 5 van de P2B-verordening ter bevordering van eerlijkheid en transparantie voor zakelijke gebruikers van online platformwebsites. 

Ook voor Belgische online verkopers en voor onze partners bij SafeShops.be en Ecommerce Europe is dit vanzelfsprekend van belang.  

 

P2B-verordening? Eerlijk en transparant handelen op platformen

Platformen zijn niet meer weg te denken uit e-commerce vandaag. Heel wat webshops verkopen inmiddels niet meer alleen via hun eigen webshop, maar ook via een online platform zoals Amazon, AliExpress, Bol.com of andere. Platformen bieden webshops grote voordelen, zoals een groter bereik, meer omzet en allerlei extra services zoals online marketing, payment afhandeling, etc…. 

Sommige platformen hebben echter de voorbije jaren heel wat commerciële macht opgebouwd en voor kleinere webshopuitbaters zijn er jammer genoeg ook nadelen verbonden aan hun aanwezigheid op platformwebsites.  Er is bijvoorbeeld de provisie op verkoop en het feit dat retailers afhankelijk zijn van de strategie van het platform inzake marketing en inzake bijvoorbeeld het tonen van zoekresultaten binnen het platform. 

Om de afhankelijkheid van webshops ten opzichte van grote internationale platforms te garanderen, heeft de Europese Commissie de Platform-to-Business Verordening (P2B Verordening) ingevoerd. Deze Europese Verordening moet ervoor zorgen dat platformen eerlijker en transparanter zijn in hun relatie met de verkopers op hun platform.

De P2B Verordening geldt voor online platformen, maar bijvoorbeeld ook voor app-stores zoals Google Play en de Apple App Store of voor sociale media die producten aanbieden of kunnen aanbieden, zoals Facebook, Instagram of voor prijsvergelijkers zoals Beslist.be of Google Shopping.

 

Richtsnoeren voor transparantie

De P2B Verordening van de EU is van toepassing sinds 12 juli 2020. Sindsdien moeten online platformen en zoekmachines in hun algemene voorwaarden een beschrijving opnemen van de belangrijkste parameters die bepalen hoe prominent goederen en diensten op hun platform weergegeven worden. 

De Europese Commissie publiceerde zopas een set aanbevelingen (“Richtsnoeren”) voor transparantie op marktplaatsen.  De richtlijnen leggen uit hoe online platformen onder de P2B Verordening inzage moeten geven in de werking van de algoritmes die de rangschikking bepalen waarin shops verschijnen bij een interne search naar een bepaald product op het platform. De bedoeling is om verkopers de juiste informatie te geven om zelf controle te kunnen nemen over de manier waarop ze hun online zichtbaarheid het beste kunnen optimaliseren.

De richtlijnen zijn niet juridisch bindend, maar ze zullen platformen en zoekmachines helpen bij het nakomen van hun verplichting om transparant te zijn over de werking van ranking op hun diensten. 

 

Andere verplichtingen onder de P2B Verordening

De P2B Verordening bevat overigens nog heel wat andere verplichtingen voor marktplaatsen en platforms. 

Een aantal van die regels gelden voor alle online platformen.  Het gaat voornamelijk over het verzekeren van transparantie in de gebruiksvoorwaarden die verkopers moeten aanvaarden als ze toetreden tot een platform.  Die Terms & Conditions moeten begrijpelijk, transparant en makkelijk vindbaar zijn. Ook moet het online platform in de algemene voorwaarden opnemen wanneer zij kan besluiten om de toegang aan een verkoper te ontzeggen. Een online platform moet daarnaast schriftelijk motiveren waarom zij de toegang tot het platform voor een verkoper eventueel (tijdelijk of blijvend) opschort en dat binnen 30 dagen.  Online platformen zijn ook verplicht om verkopers op de hoogte te stellen als de algemene voorwaarden worden aangepast. De verkoper moet een termijn van minimaal 15 dagen krijgen om de platformovereenkomst op te zeggen als hij of zij het niet eens is met de aanpassingen.

Voor ‘grote’ platformen gelden een aantal bijkomende specifieke regels.  Het gaat dan om regels die alleen gelden voor platformen waar 50 of meer personen werkzaam zijn en die een jaaromzet van meer dan € 10 miljoen behalen. Deze platformen moeten voor hun verkopers een intern klachtenafhandelingssysteem opzetten.  Verder moeten grote platformen twee of meer bemiddelaars aanwijzen voor het geval de klacht niet kan worden opgelost via het klachtenafhandelingssysteem of om een procedure voor de rechtbank te voorkomen. 

 

Meer weten over de P2B-Verordening of over e-commerce in het algemeen?

Neem gerust vrijblijvend contact op met Bart Van den Brande op bart@siriuslegal.be of boek meteen een vrijblijvende kennismaking via Google Meet in de agenda van Bart. 

09.11.2020 Sophie Vercraeye

De nieuwe BTW-regels voor E-commerce: laat van je horen!

Door de globalisering en digitalisering van de verkoop van goederen en diensten stijgt de vraag naar een vereenvoudigde BTW-regelgeving voor webshops. De nieuwe Europese richtlijn over e-commerce is al een grote stap in de goede richting. De nieuwe regels zouden de BTW-heffing op grensoverschrijdende ‘internetverkopen’ van goederen en diensten aan consumenten moeten vereenvoudigen. Ook probeert men met deze wetswijziging gelijke concurrentievoorwaarden te garanderen voor ondernemingen, zowel binnen als buiten de EU.

 

Wanneer zijn de nieuwe BTW-regels van kracht?

De Europese lidstaten moesten deze richtlijn normaal gezien tegen 1 januari 2021 omzetten, al wordt deze termijn omwille van corona verlengd. België krijgt nu de tijd tot 1 juli 2021 om de Belgische wet aan te passen. 

Toch is het zeker nuttig om al op de hoogte te zijn van de toekomstige wijzigingen, zeker aangezien de minister van Financiën Vincent Van Peteghem iedere geïnteresseerde uitnodigt om zijn/haar input te geven over de invulling van deze nieuwe wetgeving (waarover verder meer). 

 

Wat verandert er aan de BTW-regels? 

De nieuwe wet zal verschillende aanpassingen met zich meebrengen. Wij sommen hier enkele belangrijke aanpassingen kort op: 

  1. Allereerst zal de BTW in principe geheven worden in de lidstaat van bestemming en op basis van de daar geldende BTW-tarieven.  Vandaag is dit al het geval als je de voorziene jaarlijkse omzetdrempels overschrijdt. Wie bijvoorbeeld op jaarbasis voor meer dan 35.000 euro naar Duitsland verkoopt of voor meer dan 100.000 euro naar Nederland, moet de lokale Duitse of Nederlandse BTW aanrekenen.  Vanaf juni 2021 vervalt dat systeem en is BTW altijd verschuldigd in het land waar de koper gevestigd is, behalve als je een kleine e-commerce ondernemer bent die onder een omzetdrempel van 10.000 euro per jaar blijft én je slechts in één EU-land gevestigd bent. In dat geval is de BTW verschuldigd  aan het EU-land waar het transport begint (de facto zal dat de vestiging van de verkoper zijn in de meeste gevallen).
  2. Sinds enkele jaren bestaat er voor een aantal online diensten een zogenaamd “Mini One Stop Shop” of “MOSS” systeem.  Dat zorgt ervoor dat zelfs als je buitenlandse BTW moet aanrekenen omdat je de voorziene drempels overschrijdt, je je aangifte nog steeds in je eigen land kan doen. Je moet dan wel een BTW inschrijving nemen in het betreffende land, maar de aangiftes kunnen dus gewoon in België gebeuren. Dat bestaande beperkte MOSS -systeem wordt uitgebreid tot een algemeen OSS (“One stop shop”)-systeem dat niet meer beperkt is tot leveranciers van elektronische diensten, maar dat ook geldt voor de afstandsverkopen van goederen en diensten. Vanaf juni 2021 kunnen alle webshops met andere woorden genieten van dit vereenvoudigde systeem.
  3. Daarnaast zal er in de toekomst altijd BTW verschuldigd zijn op aankopen door consumenten van diensten en goederen die afkomstig zijn van buiten de EU. Vroeger waren kleine zendingen met een kleinere waarde dan 22 euro vrijgesteld van BTW. Ook kleine zendingen zullen dus belast worden.
  4. Goed nieuws ook voor de ondernemers die goederen van buiten de EU invoeren. Ook zij kunnen genieten van het nieuwe OSS-systeem.  Als je als online handelaar goederen van buiten de EU invoert met een intrinsieke waarde van maximaal 150 euro, kan je in de toekomst gebruik maken van het IOSS (“Invoer One Stop Shop”)-systeem. Dit zorgt ervoor dat je alleen in het land van aankomst (meestal is dat gewoon in het land waar jouw bedrijf gevestigd is), een BTW-aangifte moet doen. De invoer zelf is vrijgesteld van BTW. 

De IOSS is niet verplicht, maar wanneer je dit niet toepast zal de invoer dus wel onderworpen zijn aan BTW. De online verkoper kan de invoer-BTW dan innen bij de persoon voor wie de goederen bestemd zijn (de klant).

 

Bereid je nu alvast voor!

Als webshopeigenaar kan je maar beter de BTW-regels goed kennen en zorgen dat je bedrijf en webshop klaar zijn om rekening te houden met verschillende BTW-regimes.  Door het wegvallen van de minimale BTW-drempels, is potentieel élke verkoop via je webshop aan een buitenlandse klant onderworpen aan een andere BTW-voet dan de Belgische.  Het is jouw verantwoordelijkheid als webshopuitbater om ervoor te zorgen dat je telkens de juiste BTW aanrekent.  Doe je dit niet dan riskeer je controles en boetes van de lokale BTW overheden, iets wat we de voorbije jaren bij verschillende van onze cliënten jammer genoeg moesten vaststellen.  De boetes kunnen hoog zijn, wees dus voorbereid.

Er is nog een tweede aandachtspunt voor webshops.  Consumentenwetgeving verplicht je immers om aan consumenten steeds de juiste prijs inclusief BTW te tonen.  Als je je met je webshop richt op klanten uit de ganse EU, moet je er rekening mee houden dat je in functie van de locatie van de klant (op basis van IP-adres of locatiegegevens?) het juiste BTW-tarief kan tonen.  Om dat te kunnen doen moet je de locatie van je bezoeker kunnen bepalen, iets wat meestal cookie based zal gebeuren. De BTW-wetgeving heeft dus impact op het cookiebeleid op je website, want cookies die locaties bepalen zal je wellicht als strikt noodzakelijk kunnen beschouwen (als je de locatiedata uitsluitend gebruikt voor aangepaste prijsaffichering in functie van BTW tenminste).  

Het alternatief als webshop is dat je slechts één prijs toont, inclusief Belgische BTW, maar dat je zelf de BTW-verschillen achter de schermen verrekent.  Let daar echter mee op! Dit kan jouw product in bepaalde landen duurder maken dan lokale concurrenten en het kan bovendien onverwacht aan je winstmarge vreten…

 

Laat je horen! 

Minister van Financiën Vincent Van Peteghem (CD&V) wil de Belgische ondernemers, belangengroepen of alle andere geïnteresseerden graag betrekken bij het opmaken van de wet, om zo een ‘level playing field’ te creëren. Hij organiseert een publieksbevraging om al deze nuttige input te betrekken bij het ontwerp van de nieuwe Belgische BTW-wetgeving op e-commerce.

Je kan dus tot en met 11 november 2020 feedback geven op elk onderdeel van de wettekst aan de hand van dit online formulier.

We geven je hier graag het ontwerp van de Belgische wet alvast mee.

Heb je dus bedenkingen of suggesties over deze nieuwe wet? Make your voice heard!

22.09.2020 Sophie Vercraeye

Wijs als webshopuitbater je klanten correct de weg naar bemiddeling en arbitrage

Ben jij eigenaar van een webshop die zich richt op consumenten?  Dan is een recente uitspraak (C‑380/19) van het Hof van Justitie van belang voor jou. Dat arrest bevestigt (voor zover nodig) nogmaals dat je in je algemene voorwaarden je klanten expliciet moet uitleggen waar ze terecht kunnen voor alternatieve geschillenbeslechting als ze niet tevreden zijn over jouw dienstverlening.  Die verplichting geldt overigens ook indien de consument niet echt iets kan kopen op de website. 

 

First things first: wat is alternatieve geschillenbeslechting?

Europese consumenten zijn goed beschermd door strenge regelgeving. Maar ondanks de strenge consumentenbescherming (of misschien net omdat die bestaat) ontstaan er toch regelmatig geschillen tussen consumenten en ondernemers. Om voor de consument vaak dure en lange gerechtelijke procedures te vermijden, is enkele jaren geleden vanuit de EU een systeem van alternatieve geschillenbeslechting (alternative dispute resolution – ADR) in het leven geroepen. Dit biedt een eenvoudige, snelle en goedkope oplossing voor geschillen tussen consumenten en ondernemers, maar dan buiten de rechtbank om.

Lidstaten kunnen zo’n ADR-oplossingen op verschillende manieren opzetten, bvb. via een ombudsman, bemiddelaar, verzoeningscommissie, arbitrage, … Indien men kiest voor ADR zal deze onafhankelijke instantie zich uitspreken over het geschil of proberen om samen met de consument en ondernemer tot een oplossing te komen. Of zo’n beslissing ook echt bindend is, is afhankelijk van procedure tot procedure en van lidstaat tot lidstaat.

 

Informatieplicht voor ondernemers

Alle Europese ondernemers hebben ten aanzien van de consument een zekere ‘informatieplicht’. Zo moet je de consument bijvoorbeeld steeds informeren over de identiteit van je onderneming en de voornaamste kenmerken van de goederen of diensten. Je bent als onderneming echter ook verplicht de consument te informeren over ADR.

 

Situatieschets

De Duitse bank DAÄB heeft een louter informatieve website. Je kan er geen overeenkomsten sluiten met DAÄB, maar je vindt er enkel informatie. Op haar website pagina vermeldt DAÄB wel het bestaan van de toepasselijke Duitse buitengerechtelijke geschillenbeslechtingsprocedure en dat wordt nog eens herhaald op een informatiedocument op het moment dat de consument effectief een overeenkomst sloot met DAÄB. DAÄB was van mening dat ze op deze manier voldeed aan de wettelijke informatieplicht ten aanzien van consumenten. 

Maar bovenstaande informatie was niet opgenomen in haar algemene voorwaarden en dat was niet naar de zin van het Duitse Bundesverband (eiseres in deze zaak). Zij was namelijk van mening dat deze informatie wel degelijk ook in de algemene voorwaarden opgenomen moet worden, ook op louter informatieve websites en ook als je de informatie al op een andere plek verschaft.

 

Beslissing Hof van Justitie

De Duitse rechter die hierover moest oordelen struikelde over de interpretatie van artikel 13 ‘richtlijn ADR consumenten’. Het artikel klinkt als volgt:  

“[de informatie omtrent ADR] moet op duidelijke, begrijpelijke en eenvoudige wijze toegankelijk zijn op de website van de ondernemer, voor zover hij over een website beschikt, en, in voorkomend geval, in de algemene voorwaarden van tussen de ondernemer en een consument gesloten verkoop- of dienstenovereenkomsten.

De rechter heeft bijgevolg de hulp van het Europees Hof van Justitie (hierna het Hof) ingeschakeld.

  1. Moet deze informatie (over alternatieve geschillenbeslechting) vermeld worden indien je geen overeenkomsten kan sluiten op de website?

Ondanks het feit dat deze bepaling spreekt van “een gesloten verkoop- of dienstenovereenkomst”, legt het Hof de nadruk op het eerste gedeelte van de zin, namelijk “voor zover hij over een website beschikt”. Het Hof stelde dat de wettekst hierbij namelijk geen ruimte voor twijfel laat. Is er dus een website, dan moet jij als ondernemer deze informatie opnemen op de website, onverschillig of je op de website overeenkomsten kan sluiten of niet. 

      2. Moet dit in de algemene voorwaarden of mag dit ook op een andere plaats op de website of in een ander document?

De bewoording in de ‘richtlijn ADR consumenten’ is volgens het Hof ook hier heel duidelijk en ondubbelzinnig. De uitdrukking  „en, in voorkomend geval” geeft volgens het Hof namelijk aan dat die informatie niet alleen op die website moet worden vermeld, maar ook dat die informatie in die algemene voorwaarden moet worden opgenomen wanneer zij op die website beschikbaar zijn. Is er dus een website met algemene voorwaarden, dan moet je deze informatie opnemen in de algemene voorwaarden, onverschillig of je op de website iets kan kopen of niet. 

Dit hangt samen met de verplichting om de consument tijdig en voorafgaand aan het sluiten van een overeenkomst te informeren over de voorwaarden en gevolgen van de overeenkomst en de rechten van de consument. Het volstaat dus niet om de informatie over ADR slechts op het moment van het sluiten van de overeenkomst te verschaffen, al zeker niet op een apart document (bv. een bestelbon of een lijst van prestaties en tarieven) maar ook niet indien je de algemene voorwaarden pas op dat moment ter beschikking stelt. Wordt de ADR dus niet opgenomen in jouw algemene voorwaarden op de website, dan voldoe je als ondernemer niet aan de informatieplicht. 

 

Wat betekent dit voor jou als Belgische webshop?

De richtlijn ADR consumenten is omgezet in de Belgische wet in boek VI van het Wetboek economisch recht. De uitspraak van het Hof geldt dus evengoed in België. 

Zorg er dus voor dat je in je algemene voorwaarden informatie opneemt over alternatieve geschillenbeslechting. 

Je kan dat doen door middel van deze standaard tekst:

Bij buitengerechtelijke regeling van het geschil is de Consumentenombudsdienst van de Federale Overheid bevoegd om elke aanvraag tot buitengerechtelijke regeling van consumentengeschillen te ontvangen. Deze zal op haar beurt de aanvraag ofwel zelf behandelen ofwel doorsturen naar een gekwalificeerde entiteit. U kan de Consumentenombudsdienst bereiken via deze link: http://www.consumentenombudsdienst.be//nl “

Bij geschillen met een grensoverschrijdend karakter kan je bovendien beroep doen op het Online Dispute Resolution platform van de Europese Unie

Hou er rekening mee dat dit in elk geval ook in je algemene voorwaarden moet staan, het is niet voldoende dat je als ondernemer:

  • deze informatie in andere op die website toegankelijke documenten of in andere tabbladen van die website vermeldt of  
  • de consument deze informatie via een afzonderlijk document verstrekt bij het sluiten van de overeenkomst waarop deze algemene voorwaarden van toepassing zijn.

Hou ook rekening met alle andere transparantieverplichtingen in het kader van e-commerce.  We zien nog al te vaak webshops die tekortschieten in het het verschaffen van informatie over hun identiteit als bedrijf, over retourrechten en garantie, over gegevensverwerking, GDPR en cookies, etc…  

De beste garantie om jezelf te wapenen tegen juridische foutjes is de Website Certifier van Sirius Legal overigens.  Voor een vast bedrag van 750 euro + BTW lichten wij je ganse webshop door en zorgen voor alle nodige aanpassingen, in 2 talen en steeds in overleg met jou en op jouw individuele maat.

 

Vragen over Website Certifier of e-commerce?

Neem gerust contact op met ons team via bart@siriuslegal.be of sophie@siriuslegal.be of op 02 721 13 00

23.04.2020 Bart Van den Brande

Geen e-commerce zonder analytics data

Zonder analytics geen e-commerce.  Wie zijn klant niet kent en begrijpt kan onmogelijk zijn producten zo optimaal mogelijk aan de man brengen.  Waar je in een klassieke brick and mortar omgeving nog heel wat inzichten over je klanten kan verzamelen door winkelgedrag te observeren, klantenkaarten op te volgen en voorraden te monitoren, kan datzelfde online enkel met een goede analytics account.

Dat lijkt een evidentie, maar jammer genoeg ziet de overheid dat zo niet.  Analytics accounts werken op basis van cookies en het standpunt van de Belgische Gegevensbeschermingsauthoriteit inzake het gebruik van cookies -en met name analytics cookies- is de voorbije maanden duidelijk bijgesteld.  Daar waar vroeger oogluikend aanvaard werd dat websites analytics cookies plaatsten zonder expliciete toestemming, wordt nu al enkele maanden lang via verschillende communicatiekanalen duidelijk gemaakt dat het plaatsen van analytics cookies altijd de voorafgaande opt-in vereist van websitebezoekers.     

 

Zonder analytics data vaar je een blinde e-commerce koers

Heel wat ondernemers vonden de voorbije weken met vertraging de weg naar e-commerce.  De Covid-19 crisis deed onder meer restauranthouders overschakelen naar take-away of delivery, heel wat kleine zelfstandigen starten alsnog met een eigen webshop of starten met verkopen via één van de vele nieuwe online platformen die lokale ondernemers en lokale producten willen ondersteunen in deze moeilijke tijden.  

Eén ding leren deze nieuwe digitale handelaars al snel: zonder bezoekers op je webshop, verkoop je niets.  Je moet dus vindbaar zijn voor je klant én je moet ervoor zorgen dat je webshop zo is opgezet dat hij optimaal converteert.   Het is daarom cruciaal om de traffic naar je webshop en het gedrag van bezoekers op je pagina’s zo precies mogelijk te kunnen meten.  

Met Analytics kan je precies zien hoe bezoekers op je website terechtkomen: via een Google search, één van je Adwords campagnes, via links op andere sites of via je nieuwsbrief. Bovendien laat je analytics account toe om de reacties en het gedrag van bezoekers op je website zelf te monitoren en om op basis daarvan te gaan bijsturen: zit je SEO goed, geef je niet te veel uit aan die SEA campagne die toch niet converteert, heeft die prijsaanpassing van vorige week het verhoopte succes, werkt die nieuwe lay-out van een bepaalde pagina, …?

Zonder een goed opgezette analytics account vaar je blind.  Je weet niet waar bezoekers vandaan komen, welke pagina’s en producten ze bezoeken, hoe lang ze op je website blijven rondhangen, je weet niet welke advertenties werken en welke het slecht doen, je weet niet welke producten goed of slecht voorgesteld worden of geprijsd staan, …  Met andere woorden, zonder goede analytics is e-commerce puur giswerk.

 

Maar analytics vereist cookies

Die analytics account – ongeacht of het om Google Analytics of een andere tool gaat – werkt op basis van cookies, kleine tekstbestanden die bij een eerste bezoek aan een website op je device geplaatst worden en die vanaf dan je surfgedrag in kaart brengen.  

Daar precies begint het probleem.  Om zo’n analytics cookies te mogen plaatsen, heb je immers de voorafgaande toestemming van de bezoeker aan je website nodig.  Bij een eerste bezoek aan je website moet je een pop-up of overlay tonen waarin je expliciet meldt aan de bezoeker dat je cookies wil plaatsen en waarvoor die dienen en waarin je toestemming vraagt om dit te doen.  

Geen aangevinkte toestemming betekent geen cookies en dat is een groot probleem in een e-commerce context.  Geen analytics cookies betekent immers ook geen data op basis waarvan je je sales en marketing kan organiseren, geen inzicht in de herkomst van je bezoekers, geen inzicht in het succes van je SEO, je pagina lay-out of je pricing strategie, …

Als webshop dreig je bovendien achter te blijven met stuurloze advertising campagnes: geen cookies betekent ook een drastische verkleining van de audiences voor retargeting campagnes, voor verhoogde biedingen in Google Search, voor cross device campagnes e.d. Performance campagnes worden dus ook voor 30 tot 60% “stuurloos”, en kunnen dus ook niet meer geoptimaliseerd worden. Dat is niet alleen een ramp voor de e-commerce sector, maar voor elke adverteerder en diens media of marketing agency. De echte ROI van online investeringen is niet meer meetbaar en extrapolaties dreigen volledig fout te zijn omdat de overblijvende data niet meer representatief genoeg is. 

 

Dan vragen we toch gewoon toestemming?

Geen probleem, hoor ik je denken.  Dan vragen we toch gewoon een opt-in bij het eerste bezoek aan onze website?  Dat kan natuurlijk.  Alleen wijzen diverse onderzoeken én eigen a/b testen bij enkele van onze cliënten uit dat, afhankelijk van de precieze omstandigheden tussen 30% en 60% van je websitebezoekers geen actieve opt-in geeft als je daarom vraagt.  Dat betekent dat je als webshop tussen 30% en 60% van je data verliest door plichtsgetrouw de wet na te leven…

 

Dura lex, sed lex…?

Bovenstaande is een ramp voor webshops natuurlijk, maar de regels zijn duidelijk.  De Gegevensbeschermingsautoriteit heeft die regels de voorbije maanden herhaaldelijk onder de aandacht gebracht.  Recent pas publiceerde zij een cookie informatiepagina op haar website waarin nogmaals expliciet herhaald werd dat voor analytics cookies altijd een voorafgaande opt-in nodig is.  Enkel voor strikt noodzakelijke cookies heb je niet zo’n opt-in nodig.  Strikt noodzakelijk betekent hier dat je website niet werkt (vanuit het oogpunt van bezoekers) zonder die betreffende cookie. 

Hetzelfde standpunt nam de GBA overigens ook al in in de veelbesproken Jubel-zaak, waarin een boete van 15.000 euro werd opgelegd omdat -naast enkele andere inbreuken- analytics cookies geplaatst werden zonder opt-in.  Een en ander werd bevestigd in diverse publieke optredens van leden van de GBA de voorbije maanden, bijvoorbeeld op een LaFeweb event in Gembloux eerder dit jaar.

Het standpunt van de GBA inzake analytics cookies is moeilijk te begrijpen.  Wij zijn altijd de eerste om de bescherming van de privacy toe te juichen, maar in dit geval dreigt een correcte toepassing van de wet zeer grote financiële schade toe te brengen aan een ganse sector en dat kan vanzelfsprekend niet de bedoeling zijn.  Bovendien blijken de overheden in onze buurlanden aanzienlijk meer genuanceerd om te gaan met dit probleem en kan in Frankrijk, Nederland of Duitsland een en ander wél zonder opt-in onder een aantal voorwaarden.  Daarmee wordt dubbel schade toegebracht aan de Belgische e-commerce.  Belgische websites lijden zo immers een aanzienlijk concurrentienadeel ten aanzien van webshops uit onze buurlanden, die wél over gedetailleerde bezoekersdata kunnen beschikken zonder daarvoor de wet te moeten overtreden.

Hoog tijd dus dat de sector van zich laat horen in dit verband en gelukkig zijn enkele sectorfederaties in de e-commerce en online marketingsector inmiddels wakker geschoten om het probleem samen aan te kaarten bij de Belgische overheid en te lobbyen voor een meer soepele interpretatie zoals die ook in onze buurlanden bestaat, mét respect voor de privacy van de consument, maar evenzeer mét oog voor de commerciële belangen van de e-commerce sector.

 

En intussen?

In afwachting kan je maar beter voorzichtig zijn.  Zorg voor een correcte cookie opt-in, niet enkel voor analytics, maar voor alle cookies op je website.  Wie daarover meer info wil, kan een kijkje nemen op www.cookie-scan.be of mag natuurlijk ook gewoon contact opnemen met Sirius Legal op info@siriuslegal.be 

26.02.2020 Bart Van den Brande

De Europese Commissie vraagt webshops zich in regel te stellen met het EU-recht

Uit een onderzoek door de toezichthouders (in opdracht van de Europese Commissie) dat op 31 januari gepubliceerd werd, blijkt dat een ruime meerderheid van de webwinkels de fundamentele consumentenrechten niet naleeft. Het zou om maar liefst twee op de drie webshops gaan. Dit onderzoek werd uitgevoerd door de 27 toezichthouders van de verschillende lidstaten van de EU, die in totaal een kleine 500 online winkels controleerden. De lijst van de gecontroleerde webshops werd niet vrijgegeven.

De resultaten uit deze screening stemmen overeen met de ervaringen die Sirius Legal heeft bij het bijstaan van cliënten en vakorganisaties in e-commerce. Veel webshops hebben bij de opstart van hun webshop advies nodig om zich in orde te stellen met de strenge informatieverplichtingen uit het EU consumentenrecht.  Het begeleiden van webshops is bij Sirius Legal inmiddels al bijna een decennium lang onze core business. We hebben in die periode een erg lange stroom aan webshops bijgestaan vanuit onze eigen praktijk of aan een diepgravend onderzoek onderworpen in het kader van de kwaliteitscontroles die we uitvoeren voor onze partner SafeShops.be.

 

Nieuwe CPC-Verordening die samenwerking tussen consumentenautoriteiten moet verhogen

Het onderzoek en de aankondiging van de resultaten kadert in een nieuwe CPC-verordening (Consumer Protection Cooperation), die sinds 17 januari 2020 van toepassing is en die meer bevoegdheden geeft aan consumentenautoriteiten. Zo willen ze de samenwerking tussen de Europese Commissie en lidstaten verbeteren zodat slechte praktijken tegen consumenten een halt toegeroepen kunnen worden.

De Europese consumenten-toezichthouders hebben vastgesteld dat webwinkels consumenten vaak nog onvoldoende informeren over het recht om de aankoop ongedaan te maken (herroepingsrecht) en hun recht op garantie (conformiteit). Ook worden regelmatig de non-discriminatieregels – ook wel geoblockingregels genoemd – onvoldoende nageleefd. 

 

Herroepingsrecht

Bijna de helft van de onderzochte websites bevatte geen duidelijke informatie over de termijn waarin het product geretourneerd kan worden, namelijk veertien dagen vanaf het moment dat de consument de handelaar heeft medegedeeld dat hij de overeenkomst herroept. 

Nochtans is het gevolg van het niet respecteren van deze wettelijke verplichting door de webshop dat de consument een bijkomende termijn krijg van een jaar om dit product terug te sturen. Een webshop heeft er dus alle belang bij om de informatieplicht correct te vervullen. Deze sanctie is echter te weinig bekend bij webshops waardoor deze soms (verkeerdelijk) denken voordeel te kunnen doen met het niet vermelden van de wettelijke rechten. 

 

Geoblocking

Een vijfde van de onderzochte websites hield zich niet aan de Geoblocking verordening waardoor consumenten in staat worden gesteld om te winkelen op websites die niet in hun land van verblijf leveren, op voorwaarde dat zij hun aankoop kunnen laten leveren op een adres in het land waar de handelaar wel levert.

Oproep van de Europese Commissie

Met de publicatie van deze resultaten komt ook een oproep van de commissie naar webshops om zich in regel te stellen met deze elementaire consumentenrechten. 

Daarnaast wordt ook aangekondigd dat de nationale autoriteiten diepgaande onderzoeken zullen uitvoeren naar deze onregelmatigheden en dat inbreukmakende handelaren daarna verzocht zullen worden hun websites aan te passen door indien nodig hun nationale handhavingsprocedures in werking te stellen. 

Webshops zorgen dus maar beter dat ze hun webshop correct inrichten en de consument correct informeren over zijn rechten. 

Het correct naleven van deze verplichtingen komt uiteindelijk de consument én de ondernemer ten goede. De ondernemer kan er zo immers op vertrouwen dat zijn voorwaarden ook effectief geldig zijn en ook boetes omwille van het niet respecteren van de consumentenrechten vermijden.   

 

Vragen over e-commerce of consumentenbescherming?
Wil je je webshop graag in regel stellen?

Contacteer ons vrijblijvend via info@siriuslegal.be of bart@siriuslegal.be

Relevante e-commere tools voor jou

Data Export Compliance

Nieuwe SCC’s, het Schrems II-arrest én GDPR: hoog tijd om je data export op punt te stellen. Wij begeleiden je en nemen heel jouw data administratie uit handen.

Nieuwe BTW-regels voor e-commerce

Vanaf 1 juli 2021 moet jouw webshop voldoen aan de nieuwe BTW-regels voor e-commerce. Download hier gratis een overzicht van de belangrijkste wijzigingen!

Checklist voor startende webshops

Wil je graag starten met een webshop? Met deze juridische checklist heb je alles in handen om je webshop juridisch helemaal op te punt te stellen, rekening houdend met de toepasselijke wetgevingen voor jouw business. 

Website Certifier

Niet zeker of jouw website voldoet aan alle juridische verplichtingen? Kies voor een efficiënte en pragmatische audit van je website, zodat je met een gerust gemoed je online business kan managen.

BTW Checker

Op 1/7/2021 zijn de nieuwe BTW-regels voor e-commerce van toepassing op jouw webshop. Gebruik onze BTW Checker en jouw prijsbeleid staat meteen goed!

Cookiescan

Datacollectie op je website waarmee je juridisch volledig voldoet aan alle vereisten. Niet omdat het moet, maar ook uit respect voor de privacy van je klanten, toch?

Meer over e-commerce en digitaal ondernemen


AI en blockchain

De digitalisering van onze economie brengt heel wat juridische uitdagingen met zich mee. Wij adviseren je graag over de juridische impact van AI, Blockchain, cryptocurrencies, Internet of Things en digitale handtekeningen.


Web & app & software development

Actief in web, app of software development? Dan zorg je maar beter dat de projecten die je oplevert juridisch helemaal op punt staan. En de relaties met je klanten zitten meestal wel goed… tot het eens fout gaat, toch? 


Cyber security

Ook jouw bedrijf kan het slachtoffer worden van cybercriminaliteit, de meldingen rond cybercrime nemen exponentieel toe. Wij helpen je bij de opzet van een performant technisch én juridisch cyber security beleid.


Digitale start-ups

Idealiter staat jouw start-up juridisch helemaal op punt. Kijk verder dan enkel het betere contractenwerk, maar kies een sparring partner die met je meedenkt en alle juridische valkuilen voor je afdekt. 


E-commerce

Heb je een webshop of wil je er een starten? Laat je juridisch adviseren door onze e-commerce experten. In een mum van tijd is je webshop compliant!

Vragen over e-commerce? Contacteer ons gerust!